Pagina's


Posts tonen met het label Afrika. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Afrika. Alle posts tonen

vrijdag 21 juni 2013

Eenvoud

Met de voorbereidingen voor een weekendje weg krijg ik een melancholisch verlangen naar de eenvoud van vroeger. Toen het voldoende was om een broek, een paar t-shirts en een kikoi in een tas te gooien, dat was het dan ook ongeveer. Dan vergeet ik gemakshalve even alle voorbereidingen die de volwassenen in het gezelschap wel moesten ondernemen!
Ik herinner mij kleine tassen met vieze kleding, die dan soms werden omgespoeld in een riviertje. Terwijl ik schrijf realiseer ik mij dat dit heel idyllisch klinkt. Alsof ik wekelijks was stond te boenen in een rivier. Maar de realiteit is dat ik dat een keer gedaan heb ;-). Dat was op safari in Kenia. Mijn kikoi was toen mijn veel gedragen kledingstuk. Ook een ander cultureel tochtje in Kenia was onmogelijk zonder kikoi en afgetrapte Bata's.
Ook dit weekendje in Nederland gaat er een kikoi mee.
Verder ben ik aan nu aan het inpakken alsof wij een week naar de maan gaan. Belachelijk eigenlijk! En dan vooral niet de mobieltjes/laptops/tablets en dvdtjes vergeten, want stel dat wij ons gaan vervelen.
Wat deden wij eigenlijk vroeger ter vermaak? Gesprekken herinner ik mij, al hobbelend over stoffige wegen. Zingen. Lezen (altijd en overal). Schrijven. En kijken en de omgeving in je opnemen. Nadenken. Flirten. En van die standaard reisspelletjes zoals "ik ga op reis en ik neem mee". Deze herinneringen aan vroeger zijn niet gebonden aan mij, en mijn geschiedenis in Afrika. Vermoedelijk zullen velen van mijn generatie dezelfde gedachten hebben over de eenvoud van toen.

dinsdag 11 juni 2013

Mombasa

Twee jaar heb ik op kostschool gezeten in Kenia. Mijn laatste twee jaar van het voortgezet onderwijs. Mijn ouders, en mijn broer en zussen woonden toen nog in Ethiopië. Elke drie maanden vloog ik naar huis voor een maandje vakantie. Een maandje reünie met de familie.
De eerste keer dat ik weer thuis kwam was schokkend. Opeens was mijn broertje groot geworden en had hij een baard in de keel! Ik zag hem aan komen lopen en schoot helemaal vol van ontroering. 
Het tweede jaar dat ik er zat werd het eerste jaar dat mijn zus Lise erbij kwam. Gezellig, een zus erbij! Af en toen wilde ik Nederlands met haar praten, even indruk maken, en geheimzinnig doen. Maar daar was zij niet zo'n fan van.
Wij zagen elkaar niet super vaak, ook al zaten wij op dezelfde school. Uiteraard was je wel op de hoogte van elkaars wel en wee. Als wij het niet van elkaar te horen kregen, dan hoorde wij het wel via de tamtam. En ik heb ook wel eens de liefdesverdriet van haar afgewezen vriendjes aangehoord. Mooi meiden waren wij, ik denk dat ik dat gerust mag beweren!
Samen zijn wij een keer op pad geweest naar Mombasa. Ik was toen 17, en zij 15. In de trein. Alleen. In een Afrikaans land. Zonder begeleiding. Gekkenwerk eigenlijk!
Wat een avontuur. Ik zit te glimlachen terwijl ik schrijf :-).
Het was echt een avontuur, want heel precies wisten wij ook niet hoe wij moesten reizen. De trein in Kenia is al een beleving op zich. Daarna met een lokale bus naar een veerboot en tot slot met de taxi verder totdat wij waren aangekomen. Tenminste, zo herinner ik mij het!
Wij konden aanhaken bij een grote groep bekenden die op dezelfde tijd daar waren. Meeliften bij hun in de auto. Wat inhield dat de achterbak open werd gemaakt en daar nog een paar mensen in gezet werden.
Een keer liepen wij in het water langs de kustlijn totdat wij bij een hotel met zwembad waren. Lise trapte op een stuk koraal en had daar de rest van onze vakantie last van.
Ik herinner mij een spontane zoen van een klasgenoot, zomaar. Een onbekende man langs het zwembad die foto's van mij wilde maken. Zwemmen en van de glijbaan af in het donker met een groep jongeren. De slappe lach krijgen in ons verblijf. Van pure vreugde sprintjes trekken en de radslag doen op het strand. Leven tot in mijn tenen. Hoe heerlijk!

Welke herinneringen heb jij Lise? Schrijf jij deel twee van dit verhaal?

zondag 9 juni 2013

Buiten

Gisteren liep ik even de Dorpstuin op, hier in Nunspeet. Een leuk lokaal initiatief, waar groente, kruiden en bloemen groeien en geoogst kunnen worden.
De zon scheen, er waaide een frisse wind. Onder een boom lag een picknickleed uitgespreid. Drie kleine meisjes speelden in de tuin. Op een gegeven moment zag je alleen nog maar hun blonde hoofdjes boven de rabarber uitsteken. Er werden spelletjes gespeeld en bloemetjes geplukt. Ik stond even te genieten en werd toen bevangen door een gevoel van weemoed.
Buiten zijn, dat was vroeger zo gewoon. Bloemen waren om te plukken en te ontmantelen. Leeuwenbekjes werden pratende "hoofden". Lantana werd uitgezogen, als je dat precies goed deed proefde je een vleugje zoet op je tong. Anjers werden in mijn vlecht gestoken, of achter mijn oor. Grote stengels gras werden afgeknabbeld. Hibiscus werd sap. Eucalyptus knarste onder je voeten en verspreide een heerlijke geur. In bomen werd geklommen of geschommeld
En als wij zin hadden in een snoepje, dan wisten wij het wel. Gauw een bosje bloemen plukken en aan de buurvrouw aanbieden, met snoepje als beloning.
Gisteren... gisteren was even een flashback naar toen......

donderdag 6 juni 2013

Voogd

Onze voogd was een grote zwarte man, met handen als kolenschoppen. Als hij sprak, dan werd er geluisterd. In het huis was het gezellig. Niet nederlands gezellig met planten in de vensterbank en kleedjes op de vloer en gordijnen, maar gezellig vanwege de bedrijvigheid.
Muzikale zonen zetten hun grote handen op de piano en zongen erbij. Er werd gelachen en er werd gegeten. Je was er welkom, dat was overduidelijk.
Toen ik mijn voogd na jaren weer zag op het vliegveld in Nairobi, toen ik daar aankwam met mijn man, pakte hij zijn hand en zei "thank you for bringing my daughter home". Nog ontroert het mij als ik daar aan denk.

Het was bijzonder eigenlijk, om Keniaanse voogden te hebben. Omdat onze ouders in een ander land woonden dan waar wij op school waren, was het nodig om voogden in Kenia te hebben. Mijn ouders hadden contact met  het oudste kind van deze bijzondere man en zij stelde voor dat hij de verantwoordelijkheid voor ons zou nemen bij rampspoed en tegenslag. 
Na de eerste onzekere ontmoeting volgde hartverwarmend contact. De jongens sloofde zich voor ons uit. Vader zorgde op afstand, moeder was lief en kookte lekker. Een keer kwam ik terug van een weekendje bij ze met mijn armen vol bloemen, die had een van de zonen voor mij gekocht.
We  hebben gelachen en geflirt en genoten van de aandacht.

Nu is er een boek verschenen over deze man. Het heet "I don't eat blacks - the life of Richard O Ondeng".  Die ga ik hoe dan ook lezen. Want eerlijk gezegd wist ik toen maar weinig van deze man, die toch wel een bijzondere geschiedenis blijkt te hebben.

zaterdag 25 mei 2013

De boeken van mijn jeugd

Ik had niet heel veel ideeen over wat ik mijn kinderen mee wilde geven toen ik ze kreeg. Alleen al het pogen op te voeden was een heel avontuur. Laat staan dat ik nog niets bewust mee had willen geven!

Maar een ding had ik wel gewild.

Boeken... tja, ik kan er niet omheen, ik ben nou eenmaal een fervente lezer. Er zijn een paar boeken die mijn jeugd mede hebben gevormd. Ik had het echt leuk gevonden als ik iets van de liefde voor deze boeken over had kunnen dragen aan mijn kids.

Little House on the Prairie. Ik heb jaren weggedroomd met deze "Kleine Huis" boeken. Het ging zelfs zo ver dat ik op een warme dag onder een boom in de achtertuin naspeelde dat het hartje winter was, en mij dus bibberend verstopte onder een deken.  Om er vervolgens hijgend en puffend onder vandaan te komen. Ook al was het in mijn fantasie echt koud, de realiteit was wel anders!

Anne of Green Gables. Bijna zou ik er wees voor willen worden, om net zulke avonturen te beleven als het meisje met het rode haar. Misschien kwam de fascinatie met deze serie ook door hoe de boeken aan mij werden aangeboden. Onze oppas keek mij op een gegeven moment kritisch aan en dacht dat ik er misschien wel oud genoeg voor zou zijn. Het voelde dus als een eer om ze te mogen lezen. 

Chronicles of Narnia: Heerlijk verdwijnen in een fantasiewereld. Pas veel en veel en veel later hoorde ik dat er een christelijke grondslag zat in de boeken. En voor mij is die wetenschap nooit een meerwaarde geweest. Het is gewoon genieten om even in een hele andere wereld te zijn. Daar kan weinig tegenop!

Nog altijd kan ik met plezier deze boeken weer uit de kast pakken en opnieuw lezen. Ook al heb ik ze op z'n minst allemaal al 20 keer gelezen. Ze zijn tijdloos en brengen mij weer terug naar de magie van kind zijn, naar werelden waar alles mogelijk is, een wereld van simpel genot.

dinsdag 30 oktober 2012

Mijn zus



Mijn lieve reizende ondernemende internationale zus geeft een blik in haar leven! 

"Ik ben van nature niet echt een ‘blogger’ maar ik weet dat mijn zus Marit erg geniet van ‘details, details en nog meer details’. Ik weet dat ze een blog van mij erg zal waarderen.  Het feit dat het in Nederlands moet vindt ik al erg onnatuurlijk! Ik hoor in mijn eigen hoofd mijn accent steeds erger worden met de jaren. Ik woon al sinds 2004 min of meer in het buitenland, en ik ben inmiddels met een Australiër getrouwd. Ik spreek nu veel minder Nederlands, en merk dat het mij steeds moeilijker vergaat. Zelfs met mijn eigen familie hoef ik geen Nederlands te spreken, het gaat ons nou eenmaal makkelijker af in het Engels. En toch spreek ik alleen maar Nederlands met mijn dochtertje. Het klinkt nou eenmaal leuker en liever. En als ik het eerlijk toegeef wil ik haar toch mee geven dat ze ook Nederlandse is. Ik denk dat zij ook met een accent zal spreken, vooral omdat mijn man nu ook in het ‘Nederlands’ begint te praten tegen haar. 

Inmiddels is Nadia, onze dochter, 14 maanden oud en heeft ze de hele wereld al afgereisd. En gelukkig reist ze goed. Ze is gemaakt in Ethiopië, geboren in Tasmanië,(Australië) en ze woont al sinds ze 7 maanden oud is in Liberia, West-Afrika. Ze is al in Nederland, Engeland, en Marokko op vakantie geweest. Haar leven zal vrijwel zeker blootgesteld worden aan veel meer landen en culturen. Mijn man en ik zijn beiden in het ‘buitenland’ opgegroeid. Ik in Ethiopië en Amerika, mijn man in Peru, Indonesië, Panama, Pakistan en Nicaragua . We waren beiden 11 jaar toen we naar onze land van ‘herkomst’ verhuisden. Ik kan niet echt zeggen dat we thuis kwamen want zo voelde dat niet. Ik sprak niet eens fatsoenlijk Nederlands, en hij sprak met een Amerikaans accent wat in Australië niet echt acceptabel was (of is). Nu is hij ook nog met een vrouw getrouwd die een Amerikaanse accent heeft (volgens de niet Amerikanen dan, Amerikanen zullen nooit zeggen dat ik een Amerikaans accent heb). 

Eigenlijk heb ik al een paar kern ervaringen laten vallen die mijn leven erg beïnvloeden. Ik ben in Nederland geen Nederlander want ik spreek met een accent. In het buitenland kunnen ze mijn accent ook niet plaatsen, dus waar kom ik nou eigenlijk vandaan? Om het nog mooier te maken, kon ik in mijn eigen geboorte land (Ethiopie), wat als thuis voor mij voelt, niet een verblijfsvergunning krijgen, en nu ik met een Australiër ben getrouwd en een Australisch kindje ter wereld heb gebracht betekent dat ook niet dat ik een Australisch verblijfsvergunning snel zal krijgen! Het is de ‘story of my life!’ Het is niet altijd makkelijk geweest en dat is het nog steeds soms niet, maar dat is het leven.  

Toch kiezen mijn man en ik er bewust voor om onze kinderen aan hetzelfde bloot te stellen.  De reden… Mijn ervaringen als kind hebben mij gevormd tot wie ik nu ben en de beslissingen beïnvloed die ik heb gemaakt om te zijn  waar ik nu ben. Ik herinner mij als kind de armoede en de onrecht en dat kon ik niet vergeten of zo makkelijk van mij afzetten. Ik moest en zou er wat aan gaan doen! Natuurlijk ben ik niet meer zo idealistisch en zie en begrijp ik de realiteit veel beter. Maar dat neemt niet weg dat ik nog steeds mijn bijdrage wil leveren op mijn kleine manier. Mijn man en ik hadden dit al vrij snel door toen we vrienden waren, dat we dit gevoel deelden. Het opgroeien in het buitenland heeft mij toleranter gemaakt, begripvoller en opener. Dat zijn kwaliteiten die ik graag aan mijn kinderen mee wil geven. Gisteren zaten we bij het strand in een restaurant en Nadia werd opgepakt en gezoend door Ethiopiërs, Liberianen en Chinezen. Dat doet mijn hartje goed. Zoals de mensen van alle nationaliteiten haar omarmen nu, wil ik dat zij hun bewust omarmt in de toekomst. Als wereld burger. 

De wereld  wordt tegenwoordig ook steeds maar kleiner, de grenzen vervagen, zij zal er op haar manier mee om moeten leren gaan. De manier waarop we ervoor kiezen om continuïteit te bieden is om, waar we ook zijn, de moeite te doen om van ons huis een thuis te maken. We hebben besloten Tasmanië tot onze thuisbasis te maken. Dat houdt in dat ons huis daar staat, en dat we daar vaak naar terug zullen gaan en de contacten met vrienden goed zullen onder houden. Als we besluiten naar Australië of Nederland te verhuizen dan doen we dit op het meest leeftijd vriendelijk moment. Dit zal dan zijn tijdens de overgang tussen de natuurlijke fases van school (basisschool- middelbare school- universiteit etc, daarna zijn ze hopelijk het huis uit). We zorgen ervoor dat de kinderen in ieder geval Nederlands kunnen verstaan en spreken. We proberen ervoor te zorgen veel in onze familie en vrienden te investeren zodat er in ieder geval continuïteit is. In tegendeel tot de positieve ervaringen van Marit kiezen wij er bewust voor onze kinderen nooit op een kostschool te doen. Mijn man heeft op kostschool gezeten en dat was de meest ongelukkige tijd van zijn jeugd. Het meest belangrijk is dat we ons gezin als team behandelen, als een familielid niet gelukkig is met dit leven dan zorgen we ervoor dat we wel met z’n allen gelukkig kunnen worden ergens anders. 

De wereld ligt aan onze voeten!"

vrijdag 26 oktober 2012

Mijn broer

Al een poosje zit ik achter mijn broer aan om wat te schrijven voor deze blog. Nu heeft hij het eindelijk gedaan. Ik moet erg lachen om zijn bijdrage en zal hem voortaan maar niet meer lastig vallen. ;-)
Overigens, als je het leuk vindt om engels te lezen, hij houdt zelf een blog bij op www.freeoneself.blogspot.com Ik ben erg trots op hem, en vind dat hij erg goed uit zijn woorden komt!

Hier is zijn bijdrage.....

Nederlands of Engels schrijven, ik weet het niet. Nederlandse blog dus dan maar Nederlands maar eigenlijk is Engels mijn gevoelstaal dus toch Engels maar dat kan ik niet maken, mijn zus heeft deze blog bewust Nederlands gemaakt dan toch maar verder in het Nederlands. Moet er even moeite voor doen maar here it comes:

Ik ben het vertellen en het uitleggen over mijn jeugd helemaal zat. Zo zat dat ik even diep in moet ademen als iemand weer vraagt waar ik vandaag kom (ik heb zo’n leuke accent). Vermoeiend is het en ik heb vele malen mijn verhaal proberen interessant te houden voor mezelf... “Ja ik heb een Nederlandse paspoort maar voel mij niet echt Nederlander”, “ik ben opgegroeid in verschillende landen”, “Ik ben ik vier landen opgegroeid?”, “ik ben een heel klein beetje Afrikaans”, enz. enz. enz.

Ben het helemaal zat. Het accent die mij constant verraad als ik Nederlands praat. Als ik schrijf is dat iets minder opvallend tenzij ik schrijf over mijn jeugd natuurlijk, ben ik nu alweer bezig met mijn jeugd, het blijft me achtervolgen....

Nou, ok, hier dan voor de laatste keer (in my dreams) mijn verhaal.

Uganda geboren, In Ethiopië gewoond, naar Amerika gegaan, terug naar Ethiopië, toen naar Nederland....... Klaar.

Bedankt voor lezen en een hele fijne dag, en niet meer vragen OK?

vrijdag 14 september 2012

Soms in Afrika

Ik ken Floor Koomen eigenlijk al vanaf mijn 18de. Via In de Ruimte, bekend van kerk, kinderkampen en bijbelschool. Maar op een of andere manier was nooit blijven hangen dat hij ook in Afrika is opgegroeid. Zijn boek Soms in Afrika is nu uitgekomen. Ik heb hem gevraagd of ik een fragment uit zijn boek mocht posten, en dat mocht. Hieronder een gedeelte van zijn verhaal. 
Zijn boek is hier te bestellen. 

Vanaf mijn elfde levensjaar kom ik er soms, in Afrika.
Soms houd ik van het continent, de mensen, de sfeer. Soms
denk ik het ineens te begrijpen en dan weer helemaal niet.
Soms is het grappig, vaak tragisch.
‘Soms’ is het sleutelwoord voor mijn reizen daar.
Alles is er vaak soms. Soms is er stroom, water of benzine.
De bus, trein en het vliegtuig vertrekken er soms. Twaalf uur
is soms twaalf uur, maar soms ook drie uur of de volgende dag.
Dat hangt er maar van af. In Afrika is heel veel soms, maar er
is ook een ‘altijd’. Altijd zijn de dingen er relatief. En zo wordt
altijd toch weer soms. Er is geen ontkomen aan… soms

Wij woonden in een eenvoudig lemen huis in het dorpje Utange
te midden van de lokale Digo- en Gyriamastammen. Anders
dan bij de andere westerlingen hadden wij geen hek, geen bewakers,
geen zwembad, geen airco en geen gazon. Zeker, we
hadden het luxer dan onze buren. Wij hadden een watertank
op het golfplaten dak, een generator voor stroom en de voorzijde
van ons huis was aangesmeerd met wit pleisterwerk.
Mijn moeder was haar tijd vooruit. Ze had een missie: Afrika
en zijn bewoners zijn de moeite waard. Wij zouden zo veel
mogelijk leven als zij. Dat betekende: een kleine groentetuin
op ons landje, een kleine kudde geiten die – als ik ze hoedde
– nooit daar gingen waar ik wilde, honden, loslopende kippen
en – bij het vallen van de avond – altijd bezoek van buren voor
een kop thee, een kletspraatje en een poging wat geld van mijn
moeder ‘te lenen’.
Als beginnend ‘man’ van elf à twaalf jaar was ik behoorlijk
onder de indruk van de blote borsten van onze buurvrouwen.
Die wiebelden en zwabberden vrijuit voor mijn ogen, als ze
breed gebarend iets stonden te betogen of wanneer ze dansten.
Naast een ontluikende interesse voor het andere geslacht fascineerde
de aardsheid en het ongecompliceerde me zeer. Daar
waar ik mijn leven lang al de lichte neiging heb het bestaan te
vergeestelijken, wijst de Afrikaanse vrouw me met haar forse
achterwerk en aan zwaartekracht lijdende borsten naar de vaste
grond onder mijn zweverige voeten.
Voor en naast ons huis stonden tussen de kokospalmen een
paar indrukwekkende mangobomen die heerlijke vruchten
voortbrachten. Als we die wilden eten, wachtten we tot er apen
– vaak meerkatten, soms bavianen – in de bomen zaten. Als we
dan stenen naar ze gooiden, werden ze kwaad en vochten terug
door ons te bekogelen met de vruchten.


Soms in Afrika  ISBN 978-90-5999-9015

dinsdag 4 september 2012

Luxe

Weet je wat ik echt luxe vind?
Thuis komen en dat het huis schoon is.

Die luxe heb ik hier een keer in de twee weken. Iedere keer ben ik weer dankbaar dat de boel spic en span is en dat ik het niet heb hoeven doen.
Misschien komt het wel door hoe ik ben opgegroeid, dat ik die allergie heb voor huishouden doen. Vroeger, (ja, ja, vroeger!!) toen was het anders. Als je in Afrika woont dan heb je bijna vanzelfsprekend hulp in de huishouding. Op een gegeven moment hadden wij hulp in de huishouding, iemand die hielp met het koken, en een tuinman. De gewoonste zaak van de wereld. Hoewel mijn moeder altijd het goede voorbeeld gaf, zij werkte altijd samen op met de hulp, al pratend met handen en voeten.
Ik heb dus veel te lang geen vinger uit hoeven steken thuis. En ook nooit de behoefte gevoeld. Toen ik op kamers ging moest ik mijn moeder bellen om te horen hoe ik de was moest draaien. Mijn huisgenoten hebben op een gegeven moment besloten dat er niet gezamenlijk gewassen mocht worden, nadat ik twee wassen van wit naar roze had getoverd.
Koken heb ik ooit niet geleerd. Nu gebruik ik wel recepten van mijn moeder, en met veel plezier, maar creatief koken heb ik eigenlijk van mijn man geleerd.
Als je het goed beschouwt ben ik een verwend nest, en lui ook. Het liefst wil ik niet hoeven schoonmaken of koken, alleen als ik het wil ;-).

Voor alle duidelijkheid, niet alle kinderen die opgroeien in het buitenland worden zoals ik! Ik kan mij herinneren dat mijn zus zich wel veel meer bemoeide met het huishouden en het koken. Ik daarentegen, liet het mij heerlijk aanleunen.

zondag 19 augustus 2012

Verhaal van Inge

Al surfend op het internet kwam ik deze reportage tegen.


Het verhaal van Inge die terugkomt naar Assen na 8 jaar in Mozambique gewoond te hebben.




maandag 6 augustus 2012

Ik kom van....


Ik kom van eindeloze vergezichten, van Bata schoenen en Black Cat kauwgom.
Ik kom van oude houten huizen, grijze golfplaten daken, en de geur van eucalyptus.
Ik kom van paarse bougainville en rode stof. Van heuvels die verdwijnen in de horizon.
Ik kom van valse verjaardagsliedjes en dunglish, van Michener en Mozart.
Ik kom van controle en gastvrijheid en creativiteit.
Ik kom van verbondenheid, liefde en trouw.
Ik kom van een warme geloofsgemeenschap, potlucks en handen in de lucht.
Ik kom van Noorwegen, Oeganda, Ethiopië, Amerika en Kenia.
Ik kom van kaastaart, bierbrood en pork met uienroomsaus.
Ik kom van kerstbomen gemaakt van takken, samen zingen, arty party’s, en de jaren 80.
Ik kom van overal en nergens, hoor overal bij, en toch ook niet.
Ik kom van thuis.


(hiervoor gebruikte ik een gedichtopdracht die heet Where I'm from)

donderdag 19 juli 2012

Scholen

Wat een variatie heeft er eigenlijk gezeten in de scholen waar ik naar toe ben geweest!

Mijn lagere school en een jaar voortgezet onderwijs was op ICS, de International Community School of Addis Ababa. Amerikaans schoolsysteem, engels gesproken, behoorlijk internationaal inderdaad. Klasgenoten van alle continenten, leraren uit allerlei landen. Op een gegeven moment had ik vriendinnen uit Bangladesh, Canada, Oeganda, Korea, Zweden, Noorwegen, en Ethiopië, en was ik verliefd geweest op een Belg, Boliviaan, Nigeriaan, Italiaan en een Nigeriaan. En dan vergeet ik vast nog een paar landen!

Middenin onze lagere schoolperiode besloten onze ouders ons over te plaatsen op de christelijke school voor zendingskinderen, Bingham Academy, ook in Addis Ababa. Daar hebben wij ongeveer vijf dagen op gezeten. Of misschien waren het er drie. Die school paste namelijk lijfstraffen toe, en niet te zuinig ook. Op een van de weinig dagen dat ik er was was ik mede oorzaak van wat geroezemoes in de klas. Mijn buurman werd er op aangekeken, en die kreeg er vervolgens van langs met een houten liniaal in zijn hand. Ik ben erg geschrokken, en alle spontaniteit was prompt verdwenen. Mede een reden voor mijn ouders om ons toch weer terug te plaatsen op onze oude school.

In Nederland heb ik een aantal weken op een kleine dorpsschool gezeten, waar nog echt handwerkles gegeven werd! De jongens lekker timmeren en zagen, en de meisjes mochten met een kopje thee en breipennen aan de slag. Ik zie mij nog zitten, met mijn zielig pannenlapje. Op die school leerde ik dat iets "iezig" kon glimmen, en ook leerde ik  "sliep uit" met bijpassend gebaar. Onontbeerlijk toch, voor een Nederlands kind?

Louisiana betekende de overgang naar christelijke privéscholen, waarvan een jaar zelfs op de school van Jimmy Swaggart.  In uniform wel te verstaan. Zelfs als het koud was mocht je geen broek aan, en je rok mocht zeker niet te kort. In de gymzaal werd tijdens het gymmen een groot gordijn opgehangen, zodat jongens en meisjes gescheiden konden sporten....

De kostschool in Kenya, Rift Valley Academy, was het leukst. Heel veel activiteiten op een mooi terrein. Daar heb ik in het koor gezeten, klarinet gespeeld in de harmonie, toneel gespeeld, op diverse excursies geweest, leren pottenbakken en tekenen, en heb ik gesport. Een erg creatieve uitdagende tijd. Voor jonge kinderen zou ik kostschool zeker niet aanraden, maar voor mij als tiener was het geweldig! 



vrijdag 13 juli 2012

Culture Shock in Amerika

De grootste culture shock die ik meemaakte was met de verhuizing van Ethiopië naar Amerika. Ik was toen een tiener, dat maakte het er niet makkelijker op.
Weggaan uit Ethiopië was al een hele stap. Toen hebben wij nog een paar maanden in Nederland gewoond, in Stroe op een klein dorpsschool. Gek genoeg was dat niet eens de grootste overgang, terwijl je dat misschien wel zou denken. Op een of andere manier werden wij gewoon geaccepteerd en heb ik het erg leuk gevonden.

De overgang naar Amerika,  tjonge dat was nog eens wat anders.
Ten eerste wilde ik helemaal niet weg uit Nederland. Ik had net een beetje mijn draai gevonden op de dorpsschool, met verliefdheden en al. Ik was dus stiksjagrijnig dat dingen weer gingen veranderen.
Vervolgens moest ik naar een christelijke school in uniform!! En mens, wat ging iedereen anders met elkaar om. Ik raakte de kluts kwijt, bijna letterlijk, want ik werd er heel erg onzeker van. Het had niet gehoeven, want in eerste instantie maakte ik een goede indruk, omdat ik er wel leuk uitzag. Maar toen ik vervolgens niet wist hoe ik moest flirten op z'n Amerikaans, en ik er ook op andere manieren er niet helemaal bijpaste.... ja, toen was mijn kans om erbij te horen verkeken en was ik inmiddels zo onzeker geworden dat ik ook niet meer wist hoe ik er dan wel bij zou moeten horen.

De eerste week dat ik op school zat nam ik elke dag de overgebleven lunches van anderen mee. Ik kon niet aanzien dat mensen zo slordig met eten omgingen. Lunchzakjes werden kapot gestampt en vervolgens in de prullenbak gegooid. In Ethiopië hadden wij zo weinig gehad dat dat z'n sporen nog naliet. Ik heb dus lunches "gered" totdat mijn moeder zich afvroeg wat zij er dan mee moest doen? Ik had toen ook door dat het geen zin had, en langzamerhand begon het verspillen van eten ook te wennen.

Daarnaast vond ik de oppervlakkigheid van de gesprekken ook erg wennen. Het gingen alleen maar over jongens, make-up en auto's. En met alle drie had ik niet zoveel (hoewel, die jongens zag ik wel!). En de onwetendheid van mijn klasgenoten! Onvoorstelbaar. Ik kon ze met gemak wijsmaken dat ik op een giraf naar school ging, op een krokodil de rivier overstak, en dat ik in een boomhut woonde in Afrika. 

Ook liep ik tegen de vaderlandsliefde van de Amerikanen aan. Elke ochtend was het gebruikelijk om trouw te beloven aan de Amerikaanse vlag, de zogenaamde "pledge of allegiance". Ik deed niet mee, want ik was niet Amerikaans. Maar dat moesten mijn ouders goed uitleggen op school, en de uitzondering werd in de klas toegelicht, anders werd ik behoorlijk vreemd aangekeken.

Hoewel ik dus best veel Amerikaanse invloeden in mijn leven ervaar, was de overgang naar Amerika echt het moeilijkst. Pas toen wij weer terug waren in Ethiopië na die tijd begon ik mij weer een beetje zeker te voelen over mezelf.

zaterdag 7 juli 2012

Muziek

Soms heb je muziek die je hartsnaren raakt en tranen in je ogen brengt. Dit liedje is er een van. Ik heb het voor het eerst gehoord en gezongen op kostschool in Kenia. Volgens mij was het traditie om het elk jaar met het koor te zingen.

Voor mij is het een liedje vol melancholiek en verlangen.