Pagina's


Posts tonen met het label familie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label familie. Alle posts tonen

zaterdag 29 juni 2013

Schoonheidsidealen

Vandaag had ik een leuk gesprek met een Oegandese vrouw, hier in Nunspeet.
Zij: "You look very nice". Ik: "Thank you!". Zij: "Yes, you have gotten fatter!!".......
En dat is een een notendop het verschil  in schoonheid tussen Oeganda en Nederland. In Oeganda wordt het op prijs gesteld als je lekker stevig bent. Dat is een compliment waard! En het verhoogt ook nog eens je kans op een grote bruidsschat.
Toen ik ongeveer 12 was, waren wij voor een kort bezoekje in Oeganda op de plek waar wij vroeger gewoond hadden. Ik herinner mij gesprekken die mijn vader had met sommige leden van de mannelijke bevolking. Eerst werd ik van top tot teen bekeken. Vervolgens keerde de man zich naar mijn vader toe en vroeg "how many cows do you want for this woman?"
Tja, wat moet je daar nou op antwoorden? Mijn vader kennende had hij wel een grapje klaar, iets in de zin van "zij is onbetaalbaar" of misschien wel "hoeveel wil je er voor geven?". Lachwekkend en een heel ietsie pietsie zorgwekkend omdat ik nog zo'n kind was en daar helemaal niet mee bezig was! 
Dat het gevraagd werd kwam omdat Kumi, waar wij toen waren, aardig in de "rimboe" lag. De westerse beschaving was nog niet tot daar aan toe doorgedrongen.
Overigens was ik toen zo mager als een lat, dus ik weet nog steeds niet was de mannen in mij zagen! Aan een Oegandees schoonheidsideaal voldeed ik toen volstrekt niet.

maandag 24 juni 2013

Schoolziek

Ik weet niet meer precies welk schooljaar het was. Een jaar dat ik liever niet zo vaak naar school ging. Het was een jaar waar ik nergens goed bij hoorde en het waarschijnlijk wel prima vond om nog even in bed te blijven liggen met een boekje erbij.
Soms zocht ik dan een uitvlucht om niet naar school te hoeven. In die tijd waren er een heel aantal legitieme redenen die van toepassing konden zijn. Een flink potje amoebe of giardia is altijd goed voor je een tijdje lamlendig voelen. Maar er was ook een jaar waarin ik met enige regelmaat last had van mijn keel. En dat leerde ik goed uitbuiten.
Als ik dan wel eens mijn huiswerk niet had gedaan, of gewoon geen zin had, dan werd ik 's ochtends wakker en ging ik flink slikken om mijn keel wat te irriteren. Vervolgens zette ik een zielig stemmetje op, riep mijn moeder, en klaagde dan over keelpijn. Ze maakte er een spelletje van, in de tijd dat ik echt vaak last had. Dan beschreef ze hoe mijn keel er nu weer uitzag. De ene keer was die wat groen met stippen, of paars met strepen, dan weer oranje met vlekken. Vermoedelijk had zij ook wel door als ik niet echt keelpijn had, maar vaak mocht ik dan toch nog thuisblijven.
Fijn toch, zo'n dagje schoolziek zijn!

zaterdag 22 juni 2013

Uit de oude doos

Dit weekend bracht mijn vader een map mee met oude nieuwsbrieven die hij en mijn moeder geschreven hebben in de loop der jaren. Daar wil ik een aantal dingen uit overnemen. Vooral mijn moeder schrijft heel beeldend over het dagelijkse wel en wee. In dit geval gaat het over het wonen in Kumi, Oeganda in maart 1975.

" Een paar dagen geleden hebben wij 7 dagen zonder elektriciteit gezeten. Er was een transformator uit elkaar geslagen in Kumi. We hebben ons 's avonds met kaarsejs en een olielampje gered. Alleen een nadeel, er was haast geen water en de koelkast deed het niet. Wat een ramp, alles wat we hadden moest in twee dagen opgegeten worden. Door de warmte blijft er werkelijk niets goed. Ons water moet eerst gekookt worden, en daarna gefilterd. Daar drupt het dan langzaam door en meestal hebben we dan de volgende dag 3 a 4 flessen water.
Met Marit en Lise gaat het uitstekend. Marit is een lekker kletskousje en heeft van die grappige opmerkingen. Ze zegt zo vaak "ik vind het erg leuk hoor Mama". Ze hebben ook zo genoten van de vakantie. We hebben heerlijk gezwommen in Moshi (Tanzania). Je kon van die armbandjes huren in het zwembad. Lise begint ook al zo te praten, ze zegt alles na. Ze roept altijd " Mallit duwe"  als ze op de schommel zit. Het ene moment zijn ze de dikste vriendinnen en het andere moment zitten ze elkaar in de haren. Verder is het een heerlijk stel. Lise klautert op alles wat los en vast zit, je moet ogen van voren en van achter hebben. Verder ben ik zelf nog niet zo actief in veel dingen. Vorig jaar heb ik namelik 6 weken geelzucht gehad, hetis zo'n vermoeiende ziekte.
We kunnen nu wel zeggen dat we wat tropen ervaring hebben. 14 dagen terug hebben we onze tweede grote slang gedood in de tuin. Ik zal er nooit aan wennen, het was weer een spuwende cobra. Gelukkig hadden wij nu in de gaten om op een afstand te blijven. Marit heeft vorig jaar nog last van wurmen op haar hoofdje gehad. Dit is afkomstig van een (mango)vlieg. De vliegen leggen eitjes op vochtige plaatsen. Hoe ze op Marit haar hoofdje terecht gekomen zijn weten wij niet. Ze is er wel erg naar van geweest"

Tot zo ver deze eerste editie van " uit de oude doos" . Toen wij in Oeganda woonden  was ik een peutertje. Ik heb dus alleen maar vage indrukken van hoe het leven daar was. Deze nieuwsbrieven brengen die tijd weer tot leven. Erg leuk!

woensdag 19 juni 2013

Brieven

Grinnikend lees ik de brieven die mijn vader bewaard heeft. Brieven die mijn zus en ik schreven toen wij op kostschool zaten in Kenia. Brieven vol met niets zeggende anekdotes, verhalen over wat wij nou weer aan het doen waren, of korte kattebelletjes met een verzoek om geld of de vraag om er alsjeblieft gauw voor te zorgen dat die trui die wij toch nodig bleken te hebben even op te sturen.
Ik vind het vooral opmerkelijk hoe openhartig wij waren over onze verliefdheden. En dat zijn er heel wat geweest! Ik lees terug hoe ik de spieren beschrijf van mijn nieuwste aanwinst, of schrijf dat die of die met mij zit te flirten, of dat die zo'n lekkere kont heeft (nice ass klinkt toch wel wat leuker eigenlijk). Diverse jongens passeren de revue, in geuren en kleuren beschreven.
Mooi eigenlijk, dat ik er geen moeite mee had om te vertellen waar ik mee bezig was, en welke jongen mijn aandacht getrokken had. 
Helaas zijn de brieven die ik ontving niet bewaard gebleven. Ik heb niet door gehad dat ik daar nog waarde aan zou hechten. Een brief staat mij wel helder voor ogen. Die was zo leuk, en daar heb ik zo om gelachen, dat ik dat vervolgens weer in een van mijn brieven vast heb gelegd. Zo blijft er toch nog een stukje geschiedenis bewaard.

dinsdag 11 juni 2013

Mombasa

Twee jaar heb ik op kostschool gezeten in Kenia. Mijn laatste twee jaar van het voortgezet onderwijs. Mijn ouders, en mijn broer en zussen woonden toen nog in Ethiopië. Elke drie maanden vloog ik naar huis voor een maandje vakantie. Een maandje reünie met de familie.
De eerste keer dat ik weer thuis kwam was schokkend. Opeens was mijn broertje groot geworden en had hij een baard in de keel! Ik zag hem aan komen lopen en schoot helemaal vol van ontroering. 
Het tweede jaar dat ik er zat werd het eerste jaar dat mijn zus Lise erbij kwam. Gezellig, een zus erbij! Af en toen wilde ik Nederlands met haar praten, even indruk maken, en geheimzinnig doen. Maar daar was zij niet zo'n fan van.
Wij zagen elkaar niet super vaak, ook al zaten wij op dezelfde school. Uiteraard was je wel op de hoogte van elkaars wel en wee. Als wij het niet van elkaar te horen kregen, dan hoorde wij het wel via de tamtam. En ik heb ook wel eens de liefdesverdriet van haar afgewezen vriendjes aangehoord. Mooi meiden waren wij, ik denk dat ik dat gerust mag beweren!
Samen zijn wij een keer op pad geweest naar Mombasa. Ik was toen 17, en zij 15. In de trein. Alleen. In een Afrikaans land. Zonder begeleiding. Gekkenwerk eigenlijk!
Wat een avontuur. Ik zit te glimlachen terwijl ik schrijf :-).
Het was echt een avontuur, want heel precies wisten wij ook niet hoe wij moesten reizen. De trein in Kenia is al een beleving op zich. Daarna met een lokale bus naar een veerboot en tot slot met de taxi verder totdat wij waren aangekomen. Tenminste, zo herinner ik mij het!
Wij konden aanhaken bij een grote groep bekenden die op dezelfde tijd daar waren. Meeliften bij hun in de auto. Wat inhield dat de achterbak open werd gemaakt en daar nog een paar mensen in gezet werden.
Een keer liepen wij in het water langs de kustlijn totdat wij bij een hotel met zwembad waren. Lise trapte op een stuk koraal en had daar de rest van onze vakantie last van.
Ik herinner mij een spontane zoen van een klasgenoot, zomaar. Een onbekende man langs het zwembad die foto's van mij wilde maken. Zwemmen en van de glijbaan af in het donker met een groep jongeren. De slappe lach krijgen in ons verblijf. Van pure vreugde sprintjes trekken en de radslag doen op het strand. Leven tot in mijn tenen. Hoe heerlijk!

Welke herinneringen heb jij Lise? Schrijf jij deel twee van dit verhaal?

maandag 10 juni 2013

Familieband

Volgens mijn dochter is een van mijn nichtjes wel eens jaloers op onze familieband. En dan bedoel ik de band die ik heb met mijn broer en zussen. 

Wij zijn hecht, dat klopt inderdaad. Dwars door alle werelddelen heen. Vaak ook zonder regelmatig contact, want de een is beter in bellen, en de ander die schrijft liever. Maar die band die blijft.
Dat krijg je als je zo op elkaars lip opgroeit. En als je familie het enige is wat steeds hetzelfde blijft als je verhuist.
Toen ik hier in Nederland eens een weekend meedraaide voor Missionary Kids, viel mij die familieband ook op. Broers en zussen die om elkaars nek hingen, of bij elkaar op schoot kropen. Ondanks de leeftijdsverschil elkaar toch even opzoeken. Minder concurrentie, meer contact.
Veel meer dan "gewone" Nederlandse kinderen heb je als Third Culture Kid de binding van je gedeelde geschiedenis. Vaak is het alleen nog maar een broer of zus die weet waar je het over hebt als je praat over vroeger. En als je een beetje afgelegen opgroeide, dan waren het je brussen die je speelkameraadjes waren.
Bovendien werden wij door omstandigheden vaak in vrijheid beperkt. Ik kon er niet zomaar op uit, ik was afhankelijk van mijn ouders om mij te brengen en te halen. Ik had geen bijbaantje, of een sport waar ik zelfstandig naar toe ging. Mijn familie was mijn uitvalsbasis.


Nu geniet ik er van dat mijn kids hun neefjes en nichtjes leren kennen. Dat zij wel een gedeelde geschiedenis opbouwen, met een contact die ik niet heb meegemaakt toen ik jong was. En ik vind het jammer dat mijn ene zus niet in Nederland woont en dat ik tante op afstand moet zijn. Hoewel.... ik kan het mij ook niet anders voorstellen bij haar!


donderdag 6 juni 2013

Voogd

Onze voogd was een grote zwarte man, met handen als kolenschoppen. Als hij sprak, dan werd er geluisterd. In het huis was het gezellig. Niet nederlands gezellig met planten in de vensterbank en kleedjes op de vloer en gordijnen, maar gezellig vanwege de bedrijvigheid.
Muzikale zonen zetten hun grote handen op de piano en zongen erbij. Er werd gelachen en er werd gegeten. Je was er welkom, dat was overduidelijk.
Toen ik mijn voogd na jaren weer zag op het vliegveld in Nairobi, toen ik daar aankwam met mijn man, pakte hij zijn hand en zei "thank you for bringing my daughter home". Nog ontroert het mij als ik daar aan denk.

Het was bijzonder eigenlijk, om Keniaanse voogden te hebben. Omdat onze ouders in een ander land woonden dan waar wij op school waren, was het nodig om voogden in Kenia te hebben. Mijn ouders hadden contact met  het oudste kind van deze bijzondere man en zij stelde voor dat hij de verantwoordelijkheid voor ons zou nemen bij rampspoed en tegenslag. 
Na de eerste onzekere ontmoeting volgde hartverwarmend contact. De jongens sloofde zich voor ons uit. Vader zorgde op afstand, moeder was lief en kookte lekker. Een keer kwam ik terug van een weekendje bij ze met mijn armen vol bloemen, die had een van de zonen voor mij gekocht.
We  hebben gelachen en geflirt en genoten van de aandacht.

Nu is er een boek verschenen over deze man. Het heet "I don't eat blacks - the life of Richard O Ondeng".  Die ga ik hoe dan ook lezen. Want eerlijk gezegd wist ik toen maar weinig van deze man, die toch wel een bijzondere geschiedenis blijkt te hebben.

woensdag 7 november 2012

Reizen

Morgen vertrekken wij naar Frankrijk. Dat doet mij denken aan de reisjes in Ethiopië die mijn moeder dan moest voorbereiden. Ik geloof dat zij er vaak een week mee bezig was, terwijl wij soms maar voor een weekend gingen.
Onze eindbestemming was Lake Langano. Een meer ongeveer 200 kilometer van Addis vandaan, en een van de weinig meren waar je geen bilharzia in op kon lopen.
Toen wij er kwamen was er een hotel aan het meer en een aantal bungalows. Maar wij gingen kamperen. Dat hield in dat er eten en drinken mee moest voor de hele tijd dat wij er waren want er waren geen winkels in de buurt. En dat er ook nog eens liters en liters en liters water mee werden gesjouwd, want er was ook geen schoon water beschikbaar. Echt niets kon vergeten worden, want reserve was er niet. Tenzij je bij de kamperende buren terecht kon.
Heel af en toe aten wij in het hotel, of kochten wij een fles Ambo (spa rood). Maar dat wat mijn moeder produceerde was altijd veel en veel lekkerder.
Terwijl zij zwoegde, en de auto inlaadde, dartelde ik zorgeloos eromheen, mij helemaal niet bewust van alle inspanningen die zij voor ons deed. Nu ik zelf bezig ben met inpakken realiseer ik mij hoeveel moeite zij er steeds in stak!
Op de plek aangekomen, na een lange dorstige stoffige route, gingen wij lekker zwemmen in het bruine water en bijkletsen met vrienden. Leuke herinneringen heb ik aan onze minivakanties daar!

Dus, mam, ik wil het toch een keer zeggen. Je was echt geweldig!! Het is heel bijzonder hoe je het iedere keer voor elkaar kreeg om alles goed voorbereid te hebben om ons een leuke tijd te bezorgen.

BEDANKT voor al je inspanningen!

donderdag 1 november 2012

Gesprek met mijn broer

Een paar dagen geleden gaf mijn broer de suggestie om een digitaal gesprek te voeren, en deze als blog te posten. Hier is het resultaat tot nu toe! 
Marit: Als je terugkijkt op jouw jeugd, welke beelden komen dan in je op?
Renzo: Een paar beelden komen naar boven:
Vrijheid: We hebben altijd gewoond op plekken met behoorlijk veel ruimte, de vrijheid om buiten te spelen, boomhutten te bouwen en zorgeloos mijn fantasie zijn gang te laten gaan. Pas in Nederland ging mijn wereld dicht en in mijn beleving is dat de eerste keer dat ik ervoer hoe het was om opgesloten te zijn.
Internationaal:  Het ongelofelijke mix van landen en culturen in mijn klas. Mijn beste vriend kwam uit India bijvoorbeeld en andere klasgenoten van Finland tot Tanzania. Een rijke jeugdervaring die ik telkens weer heb opgezocht in mijn latere leven, bijvoorbeeld op de Kibboets in Israël en zelfs op mijn laatste werkplek in Nederland in het Asielzoekerscentrum. 
Gastvrijheid: Ik weet nog dat er altijd mensen bij ons thuiskwamen van allerij soorten, piloten tot medici. Ons huis was een ontmoetingsplaats en een 'thuis weg van huis' voor vele mensen.

Renzo: Wat zijn de beelden die bij jou opkomen?

Marit: Leuk dat je dat schrijft over gastvrijheid! Dat herken ik heel erg, en dat gecombineerd met het internationale zie ik het liefst ook in mijn leven terugkomen. Hier in Nunspeet valt dat nog niet altijd mee, en ik merk dat taal een behoorlijke barrière kan zijn. In alle landen waar wij woonden spraken alle internationale mensen "gewoon" engels. Hier is dat lang niet altijd het geval! Dus dan zijn er misschien wel mensen uit andere landen waar ik contact mee zou kunnen leggen, maar dan is er toch geen gezamenlijkheid.
Ik denk vooral aan ruimte als ik aan vroeger denk. Van mij af kunnen kijken. In RVA over de Rift Valley heen, in Alert woonden wij op een heuvel, in Amerika in Carville hadden wij het hele terrein tot onze beschikking. Dat wat jij vrijheid noemt, dat noem ik dan ruimte. Dat mis ik nog regelmatig.

Marit: Wat vond jij het minst leuk eigenlijk? 
Renzo: Dat is een goeie vraag, want wij hebben het hier over de periode voor Nederland. Apart… het is moeilijk om ergens op te komen, ik weet dat er minder leuke dingen waren maar mijn gedachten gaan steeds terug naar Nederland. Een momentje…
Het eerste wat dan op komt is het steeds afscheid nemen, zeker van mijn vrienden, de laatste keer was het moeilijkst omdat ik net niet het einde van mijn schooljaar kon afmaken en niet mee kon gaan met het laatste schoolreisje. Achteraf kreeg ik brieven met foto's (o.a. het diploma uitreiking van mijn klasgenoten) gestuurd hoe leuk ze het hadden gehad.

Renzo: Ben ook benieuwd naar jou minst leuke momenten maar ook hoe jou afscheid was geweest.
Marit: Weet je dat ik dat niet wist, van jouw (niet) afscheid? Moeilijk vind ik dat om te lezen, want ik had je zo gegund dat je wel goed afscheid had kunnen nemen, zeker omdat ik weet hoe belangrijk het is. Mijn moeilijke afscheid was voor dat wij naar Amerika verhuisde, toen heb ik ook huilend in de auto gezeten. Maar mijn afscheid voordat ik naar Nederland kwam was goed. Iedereen ging weg, ik ook, ik stond er achter en had een re-entry course gehad en was er dus helemaal klaar voor :-). Tjonge, wat moet jij het moeilijk hebben gehad met het "inburgeren" in Nederland, nadat je niet goed afscheid had kunnen nemen. Misschien was het net zo moeilijk geweest als je wel afscheid had kunnen nemen, maar toch!
Nu is er zo veel bekend over verhuizen, en het belang van afscheid, en culture shock en zo. Ik denk dat onze ouders hun best gedaan hebben met wat zij wisten op dat moment, maar dat ouders van nu veel meer middelen en mogelijkheden hebben om goed rekening te houden met behoeftes van hun kinderen.

Marit: Wat zou als opvoedingsadvies geven, aan Joy bijvoorbeeld die nu vanuit haar TCK achtergrond een nieuw TCKtje aan het opvoeden is?
Renzo: Mee eens, onze ouders deden wat zij het beste dachten met het weinige informatie die toen beschikbaar was voor TCK's. Dat is hun allang vergeven.  Opvoeding advies, ha! Omdat ik geen kinderen heb en ook niet wil is het lastig om hier een antwoord op te geven. Denk dat andere ouders van TCK's een betere inzicht kunnen geven. Maar als ik toch iets moet zeggen is wees alert op je kinderen en luister vooral naar wat ze te zeggen hebben. Ik durf geen verdere advies te geven! En na het lezen van Joy's blog en haar kennende is het duidelijk dat zij (en haar man) al veel inzichten hebben, aangezien beiden ook TCK's zijn geweest.

vrijdag 26 oktober 2012

Mijn broer

Al een poosje zit ik achter mijn broer aan om wat te schrijven voor deze blog. Nu heeft hij het eindelijk gedaan. Ik moet erg lachen om zijn bijdrage en zal hem voortaan maar niet meer lastig vallen. ;-)
Overigens, als je het leuk vindt om engels te lezen, hij houdt zelf een blog bij op www.freeoneself.blogspot.com Ik ben erg trots op hem, en vind dat hij erg goed uit zijn woorden komt!

Hier is zijn bijdrage.....

Nederlands of Engels schrijven, ik weet het niet. Nederlandse blog dus dan maar Nederlands maar eigenlijk is Engels mijn gevoelstaal dus toch Engels maar dat kan ik niet maken, mijn zus heeft deze blog bewust Nederlands gemaakt dan toch maar verder in het Nederlands. Moet er even moeite voor doen maar here it comes:

Ik ben het vertellen en het uitleggen over mijn jeugd helemaal zat. Zo zat dat ik even diep in moet ademen als iemand weer vraagt waar ik vandaag kom (ik heb zo’n leuke accent). Vermoeiend is het en ik heb vele malen mijn verhaal proberen interessant te houden voor mezelf... “Ja ik heb een Nederlandse paspoort maar voel mij niet echt Nederlander”, “ik ben opgegroeid in verschillende landen”, “Ik ben ik vier landen opgegroeid?”, “ik ben een heel klein beetje Afrikaans”, enz. enz. enz.

Ben het helemaal zat. Het accent die mij constant verraad als ik Nederlands praat. Als ik schrijf is dat iets minder opvallend tenzij ik schrijf over mijn jeugd natuurlijk, ben ik nu alweer bezig met mijn jeugd, het blijft me achtervolgen....

Nou, ok, hier dan voor de laatste keer (in my dreams) mijn verhaal.

Uganda geboren, In Ethiopië gewoond, naar Amerika gegaan, terug naar Ethiopië, toen naar Nederland....... Klaar.

Bedankt voor lezen en een hele fijne dag, en niet meer vragen OK?

maandag 16 juli 2012

Invloed op mijn kinderen

Mijn dochter zit nu in India. Ik denk dat ik rustig kan zeggen dat dat mede komt door de internationale invloed die ze via mijn familie heeft gekregen.
Wij (broers en zussen) spreken namelijk nog altijd Engels met elkaar. Mijn jongste zus zwerft nog over de wereld, inmiddels met  (Australische) man en kind. Mijn ouders zijn net een soort van "gesetteld", maar wonen eigenlijk nog maar een paar jaar in Nederland. Broer gaat binnenkort verhuizen naar Curaçao. Een gedeelte van mijn moeders familie woont in Amerika. Vrienden van mij van vroeger komen wel eens langs. En ik, ik ben geen doorsnee Nederlandse moeder (voor zover die bestaat).
Beide kinderen hebben dus best het nodige meegekregen aan taal, exotisch eten, andere muzieksoorten, en een glimp van verschillende culturen. Bij mijn dochter zie je het avonturieren het meest naar boven komen, bij mijn zoon minder. Maar ook zijn Engels is uitstekend en hij heeft een breder begrip van culturele verschillen en van de wereld dan iemand die op een plek opgegroeid is. Tenminste, dat is wel mijn indruk.
Zo zie je dat de invloed van zelf opgroeien in het buitenland niet stopt op het moment dat je op een plek terecht komt en je weer "gewoon" Nederlandse bent.

woensdag 11 juli 2012

Foto's

Mijn broer vond deze twee foto's. Te leuk om niet te delen! Helaas weet ik zelf het verhaal achter deze foto's niet meer. Misschien kan iemand anders hier meer over vertellen?


maandag 9 juli 2012

Inpakken en wegwezen

Vele vele verhuizingen heeft mijn moeder gepland en geregeld in mijn leven. Onlangs heb ik uitgevogeld dat ik in de eerste 18 jaar van mijn leven in 6 landen en 9 huizen gewoond heb. En dan tel ik niet mee dat ik op kostschool ook in 3 verschillende "dorms" heb gewoond.  
Elke verhuizing heeft mijn moeder de moeite genomen om tekeningen en schriften van ons in te pakken en mee te verhuizen. Dat vind ik toch zo bijzonder! Die doos heb ik nog steeds. Een keer in de zoveel tijd snuffel ik er weer eens door en neem een duikje in het verleden.
Ook deze beer is steeds meeverhuisd. Die kreeg ik toen ik 1 of 2 werd (dat weet mijn oom wel te vertellen in de comments ;-)). De beer is eindeloos geknuffeld en zelfstandig door mij opgelapt met gebruik van oude badstof ondergoed en naald en draad.
Mijn ervaring is dat het goed is om iets eigens mee te nemen als je verhuist. Er veranderd al zo veel. Niet alleen je huis, maar in mijn geval ook vaak een land, een cultuur, en een taal. Al het vertrouwde wat je mee kunt nemen is dan fijn. Zo hebben ook jarenlang dezelfde gordijnen bij mijn ouders gehangen, en dezelfde dekens op het bed. Jarenlang kwam dezelfde doos met oude kerstversieringen tevoorschijn, met de prulletjes die wij ooit gemaakt hadden. Dat geeft een gevoel van geschiedenis, van verhalen van vroeger. En op een of andere manier is dat goed, te midden van alle andere onrust om je heen.

zondag 8 juli 2012

Familiebanden

deze steen kwam uit de tuin van Opa en Oma

Eergisteren ben ik even op bezoek geweest bij het graf van mijn opa en oma aan mijn vaderskant. Zij zijn de enige opa en oma die ik bewust heb meegemaakt, en die ook mijn kinderen hebben meegemaakt.
Toen ik klein was, zagen wij ze een keer per jaar, of een keer in de twee jaar of zo. Als ik het goed onthouden heb, zijn zij een keer op bezoek geweest in Oeganda, een keer in Ethiopië, en een keer in Amerika. Die laatste keer herinner ik mij wel, de andere niet.
Opa en Oma waren dus in zekere zin vreemden voor mij.

Toen wij terugkwamen naar Nederland konden wij ook gelijk instromen in de familiedagen van de familie. En ook iets vaker op bezoek gaan. Dus leerde ik de familie een beetje beter kennen. Want ooms en tantes en neven en nichten op afstand,... ja, daar heb je nou eenmaal niet zo veel band mee!




Dat is een van de keerzijden van opgroeien in het buitenland, als ik voor mezelf spreek tenminste. Ik had minder een gevoel van ergens bij horen. Eigenlijk voelde ik dat het meest sterk met het overlijden van mijn Opa. Mijn ouders waren onderweg naar Nederland, en ik moest ze op Schiphol vertellen dat ze een paar uur te laat waren om nog afscheid te kunnen nemen. Een dag later was ik erbij toen de kist werd dichtgeschroefd. Op weg naar huis later die dag was ik mij zo bewust van mijn positie in de familie, als oudste kleinkind. Mijn Opa en Oma hebben meegemaakt dat hun hele familielijn compleet was, geen sterfgevallen bij de kinderen, kleinkinderen of achterkleinkinderen. Dat is zo bijzonder!

Ik ben blij dat ik toch nog dat gevoel heb gehad van de lijn van de de generaties ervaren. Ik blijf mij altijd heel sterk verbonden voelen bij mijn eigen ouderlijk gezin, want zo samen op reis zijn schept wel een enorm hechte band. Maar ik vind het bijzonder dat ik dat ook mag voelen dat ik hoor in een groter verband, dat van de Brandsma familie, met al z'n bijzonderheden.

vrijdag 6 juli 2012

Vraag Een

Drieculturen heeft gevraagd of ik een vragenlijst voor haar in wil vullen over hoe ik ben opgegroeid. Dat wil ik wel, dus de komende tijd zullen jullie een aantal vragen van haar beantwoord zien op deze plek:


In welke landen heb je gewoond en hoe oud was je toen? Wat voor soort werk deden je ouders waar voor je in het buitenland moest wonen?

Ik ben geboren in Noorwegen in 1971 uit Nederlandse ouders. Ik heb dus ook gewoon een Nederlands paspoort en de Nederlandse nationaliteit. Na mijn geboorte in Noorwegen zijn mijn ouders terugverhuisd naar Nederland, nota bene heel dicht in de buurt waar ik nu woon. Ik kreeg er een zusje bij in 1973, toen ik anderhalf was. Maar de verhuis en reiskriebels waren bij lange na niet uitgewerkt bij mijn ouders, dus het werd tijd voor de volgende verhuizing, naar Oeganda. Daar heeft mijn vader gewerkt in een lepraziekenhuis, in Kumi. Ik geloof dat daar zijn leprafascinatie is ontstaan, want lepra staat centraal in de rest van onze verhuizingen. Mijn vader is van oorsprong fysiotherapeut, maar inmiddels handtherapeut/wetenschapper/onderzoeker/schrijver/trainer/docent/begeleider/coördinator en weet ik nog wat allemaal meer. Wel veel op gebied van lepra, maar ook nog breder dan dat. 

Mijn broer is in Kumi geboren, in 1975. In de bush bush, met risico op hemofilie, wat hij gelukkig niet bleek te hebben. Ongeveer 3 jaar later verhuisde wij naar Ethiopië, Addis Ababa. Daar heb ik eigenlijk mijn hele lagere school periode gewoond, weliswaar in verschillende huizen op het terrein van het ziekenhuis (Alert), maar wel steeds op dezelfde school. (nou ja, grotendeels dan, maar dat is een verhaal voor een ander moment). Mijn jongste zus is daar geboren, in 1978. Toen was ons gezin compleet, vonden mijn ouders.

Net voor het eind van groep 8 hebben wij afscheid genomen van Ethiopië. Dit afscheid herinner ik mij erg goed. Wat heb ik gehuild, en mij erg verdrietig gevoeld! Wij zijn toen verhuisd naar Louisiana, de Verenigde Staten, via een korte omweg in Stroe (ja, Stroe in Nederland).  In Louisiana woonde wij op het terrein van een voormalige leprakolonie in Carville. Afgelegen, ver van de stad en sociale contacten. Wij hebben veel met elkaar opgetrokken als kinderen! 

Op mijn 15de zijn wij terug verhuisd naar Ethiopië, naar hetzelfde terrein en dezelfde school als waar wij eerder hadden gewoond. Ik ben toen een jaar naar dezelfde school geweest, maar de laatste twee jaar van mijn middelbare school vloog ik heen en weer tussen Kenia en Ethiopië omdat ik op kostschool zat. En hoewel  kostschool misschien nare associaties heeft, kan ik volmondig zeggen dat ik daar de meest zorgeloze en avontuurlijke jaren van mijn leven heb gehad. 
Met mijn high school diploma op zak ben ik in 1989 aangekomen in Nederland, samen met de rest van mijn familie.  Toen is, in mijn beleving, de tweede helft van mijn leven begonnen. 

Een saaie kale opsomming is dit. Het doet geen recht aan de beelden die flitsen door mijn hoofd, de geuren en kleuren die ik gezien heb, de ervaringen die ik heb meegemaakt. De beleving achter deze karige woorden  komt hier niet uit, terwijl de verhalen wel door mijn hoofd heen gonzen, zoekend naar een uitlaatklep. Maar ik moet mezelf ook afvragen of woorden ooit echt de indrukken kunnen vangen die ik graag over wil brengen!