Vandaag had ik een leuk gesprek met een Oegandese vrouw, hier in Nunspeet.
Zij: "You look very nice". Ik: "Thank you!". Zij: "Yes, you have gotten fatter!!".......
En dat is een een notendop het verschil in schoonheid tussen Oeganda en Nederland. In Oeganda wordt het op prijs gesteld als je lekker stevig bent. Dat is een compliment waard! En het verhoogt ook nog eens je kans op een grote bruidsschat.
Toen ik ongeveer 12 was, waren wij voor een kort bezoekje in Oeganda op de plek waar wij vroeger gewoond hadden. Ik herinner mij gesprekken die mijn vader had met sommige leden van de mannelijke bevolking. Eerst werd ik van top tot teen bekeken. Vervolgens keerde de man zich naar mijn vader toe en vroeg "how many cows do you want for this woman?"
Tja, wat moet je daar nou op antwoorden? Mijn vader kennende had hij wel een grapje klaar, iets in de zin van "zij is onbetaalbaar" of misschien wel "hoeveel wil je er voor geven?". Lachwekkend en een heel ietsie pietsie zorgwekkend omdat ik nog zo'n kind was en daar helemaal niet mee bezig was!
Dat het gevraagd werd kwam omdat Kumi, waar wij toen waren, aardig in de "rimboe" lag. De westerse beschaving was nog niet tot daar aan toe doorgedrongen.
Overigens was ik toen zo mager als een lat, dus ik weet nog steeds niet was de mannen in mij zagen! Aan een Oegandees schoonheidsideaal voldeed ik toen volstrekt niet.
Posts tonen met het label lepra. Alle posts tonen
Posts tonen met het label lepra. Alle posts tonen
zaterdag 29 juni 2013
dinsdag 21 mei 2013
Nepal
Kort nadat ik in Nederland kwam te wonen mocht ik naar Nepal toe om een documentaire op te nemen over Lepra.
Ik zit nu een brief te bekijken die ik schreef toen ik daar was.
18 jaar was ik, en ik ging een week of 6 op pad met een filmploeg, schrijfster en radioploeg. Wat een onderneming! En wat een wereld om in terecht te komen. Van binnenuit kunnen zien hoe een film in elkaar gedraaid werd was heel apart. Veel werd in scene gezet. Een trek door de bergen werd in beeld gebracht door langs een weg te gaan staan en mensen over een pad te laten lopen met lege tassen op hun rug. Even de goede hoek uitzoeken en tada! het lijkt heel wat. Er werden radio opnames gemaakt tussen de leprapatiënten en operaties door. En de schrijfster, Mink van Rijsdijk, reisde onvermoeibaar mee. In het boekje Lang gekeken, toch gezien, ben ik vereeuwigd in hoofdstuk 12. Een foto van mij staat op de kaft.
Op een gegeven moment werd ik gefilmd terwijl ik in een riksja zat. Ha, ha.. ik zie die mensen nog kijken. Het was een circus, daar midden in een "stad" waar bijna geen blanke te bekennen was.
Terugkijkend was het echt een hele ervaring. Ook al had ik veel gereisd, ik was zo groen als gras en zo naief als een klein kind. Ik was er vast van overtuigd dat iedereen het beste met mij voor had. Vermoedelijk heeft mijn naiviteit ook wel geholpen, ik zal af en toe wel zo onschuldig uit mijn ogen gekeken hebben dat mensen toch maar geen misbruik van mij hebben gemaakt.
Ik zit nu een brief te bekijken die ik schreef toen ik daar was.
18 jaar was ik, en ik ging een week of 6 op pad met een filmploeg, schrijfster en radioploeg. Wat een onderneming! En wat een wereld om in terecht te komen. Van binnenuit kunnen zien hoe een film in elkaar gedraaid werd was heel apart. Veel werd in scene gezet. Een trek door de bergen werd in beeld gebracht door langs een weg te gaan staan en mensen over een pad te laten lopen met lege tassen op hun rug. Even de goede hoek uitzoeken en tada! het lijkt heel wat. Er werden radio opnames gemaakt tussen de leprapatiënten en operaties door. En de schrijfster, Mink van Rijsdijk, reisde onvermoeibaar mee. In het boekje Lang gekeken, toch gezien, ben ik vereeuwigd in hoofdstuk 12. Een foto van mij staat op de kaft.
Op een gegeven moment werd ik gefilmd terwijl ik in een riksja zat. Ha, ha.. ik zie die mensen nog kijken. Het was een circus, daar midden in een "stad" waar bijna geen blanke te bekennen was.
Terugkijkend was het echt een hele ervaring. Ook al had ik veel gereisd, ik was zo groen als gras en zo naief als een klein kind. Ik was er vast van overtuigd dat iedereen het beste met mij voor had. Vermoedelijk heeft mijn naiviteit ook wel geholpen, ik zal af en toe wel zo onschuldig uit mijn ogen gekeken hebben dat mensen toch maar geen misbruik van mij hebben gemaakt.
maandag 3 september 2012
Lepra
In mijn vorige post liet ik even weten dat ik lepra heb gehad. Misschien leuk om daar nu wat verder op in te gaan. Voor een aantal mensen een bekend verhaal, voor anderen misschien juist niet.
Vanaf dat wij naar Afrika verhuisden, in eerste instantie was dat Oeganda, heeft mijn vader met leprapatiënten gewerkt. In Ethiopië woonden wij op het terrein van een groot lepraziekenhuis en onderzoekscentrum.
Lepra is dus niet zo heel raar voor ons. En in het algemeen kloppen de beelden van mensen met stompjes ook. Maar dat komt gewoon omdat men er niet snel genoeg bij is, mede omdat er zo'n stigma omheen is.
Laat ik nou een voorbeeld zijn van hoe het anders kan gaan.
Toen ik 12 of 13 was (ik ben nou eenmaal heel slecht in jaartallen en leeftijden onthouden) woonde wij in Louisiana, in Amerika. Ook daar woonden wij op het terrein van een ziekenhuis/onderzoekscentrum. Er was een zwembad op het terrein waar wij ongeveer dag en nacht in lagen, en vervolgens ook bruin werden van de zon. De witte plek op mijn knie die er al een poosje zat was daardoor nog opvallender. Er was nooit echt aandacht aan geschonken. Wij speelden nou eenmaal veel buiten en een schrammetje of plekje meer of minder maakten wij ons niet druk om.
De aanleiding weet ik niet goed meer, maar op een middag werd er besloten om een gevoeligheidstestje te doen op die plek. Al gauw bleek dat het niet goed zat met de zenuwen. Ik reageerde niet of op een rare manier als ik op die plek aangeraakt werd. Dat is het duidelijkste gevolg van lepra, zenuwen die het niet meer goed doen.
Prompt ging ik de medische molen in. Binnen no time werd de diagnose lepra gesteld. In mijn geval betekende dat twee jaar medicijnen slikken en een wit plekje dat steeds verder terugtrok totdat er alleen maar een litteken van een biopsie te zien was.
De stigma eromheen, daar heb ik nog wel last van gehad. Geheimzinnig doen op school over ziekenhuisafspraken. Niets durven vertellen. Een lerares die zei dat ze liever dood ging dan lepra had. Een opmerking waar ik dan eigenlijk weer niet goed op kon reageren. Moeders van vriendinnen die het toch wel spannend vonden als mijn vriendinnen bij ons bleven logeren. Ik mocht op een gegeven moment zelfs niet meer zwemmen in het zwembad op het terrein.
Toch heb ik niet de indruk dat er een trauma aan heb overgehouden. Het heeft zelfs leuke dingen opgeleverd. Ik heb in drie verschillende documentaires meegedaan met mijn lepraverhaal. Twee daarvan leverde mij een reisje op. Een keer naar Amerika en een keer naar Nepal. Niet gek toch?
Misschien komt er nog een tijd dat ik "iets" doe met dit verhaal. Iets wat meer impact heeft rondom het stigma rondom lepra. Een interviewtje op zijn tijd levert buiten een leuk verhaal eigenlijk niet zo heel veel op.
Meer lezen over lepra?
www.leprazending.nl
Vanaf dat wij naar Afrika verhuisden, in eerste instantie was dat Oeganda, heeft mijn vader met leprapatiënten gewerkt. In Ethiopië woonden wij op het terrein van een groot lepraziekenhuis en onderzoekscentrum.
Lepra is dus niet zo heel raar voor ons. En in het algemeen kloppen de beelden van mensen met stompjes ook. Maar dat komt gewoon omdat men er niet snel genoeg bij is, mede omdat er zo'n stigma omheen is.
Laat ik nou een voorbeeld zijn van hoe het anders kan gaan.
Toen ik 12 of 13 was (ik ben nou eenmaal heel slecht in jaartallen en leeftijden onthouden) woonde wij in Louisiana, in Amerika. Ook daar woonden wij op het terrein van een ziekenhuis/onderzoekscentrum. Er was een zwembad op het terrein waar wij ongeveer dag en nacht in lagen, en vervolgens ook bruin werden van de zon. De witte plek op mijn knie die er al een poosje zat was daardoor nog opvallender. Er was nooit echt aandacht aan geschonken. Wij speelden nou eenmaal veel buiten en een schrammetje of plekje meer of minder maakten wij ons niet druk om.
De aanleiding weet ik niet goed meer, maar op een middag werd er besloten om een gevoeligheidstestje te doen op die plek. Al gauw bleek dat het niet goed zat met de zenuwen. Ik reageerde niet of op een rare manier als ik op die plek aangeraakt werd. Dat is het duidelijkste gevolg van lepra, zenuwen die het niet meer goed doen.
Prompt ging ik de medische molen in. Binnen no time werd de diagnose lepra gesteld. In mijn geval betekende dat twee jaar medicijnen slikken en een wit plekje dat steeds verder terugtrok totdat er alleen maar een litteken van een biopsie te zien was.
De stigma eromheen, daar heb ik nog wel last van gehad. Geheimzinnig doen op school over ziekenhuisafspraken. Niets durven vertellen. Een lerares die zei dat ze liever dood ging dan lepra had. Een opmerking waar ik dan eigenlijk weer niet goed op kon reageren. Moeders van vriendinnen die het toch wel spannend vonden als mijn vriendinnen bij ons bleven logeren. Ik mocht op een gegeven moment zelfs niet meer zwemmen in het zwembad op het terrein.
Toch heb ik niet de indruk dat er een trauma aan heb overgehouden. Het heeft zelfs leuke dingen opgeleverd. Ik heb in drie verschillende documentaires meegedaan met mijn lepraverhaal. Twee daarvan leverde mij een reisje op. Een keer naar Amerika en een keer naar Nepal. Niet gek toch?
Misschien komt er nog een tijd dat ik "iets" doe met dit verhaal. Iets wat meer impact heeft rondom het stigma rondom lepra. Een interviewtje op zijn tijd levert buiten een leuk verhaal eigenlijk niet zo heel veel op.
Meer lezen over lepra?
www.leprazending.nl
maandag 20 augustus 2012
Verschil
Ook in de wereld van mensen die opgroeien in het buitenland zijn er onderlinge verschillen. Het maakt nogal uit of je uitgezonden wordt door een zendingsorganisatie, of door een regering of een multinational.
Mijn vader werkt in de leprazorg. Dit heeft hij jaren gedaan via de Leprastichting, en ook een aantal jaar via de Leprazending. De leprastichting is niet christelijk, de leprazending wel. In de salarissen en arbeidsvoorwaarden zie je vaak het verschil. En ook in hoe mensen benaderd worden natuurlijk!
Wij hebben altijd een beetje gezweefd op het grijze vlak tussen zendings- en ontwikkelingswerk. Jarenlang hebben wij de voordelen gehad van het werken voor een niet zendingsorganisatie en het dus meer horen bij de "expat" wereld. Meer salaris, meer ruimte voor vakanties, het gewoon vinden om jaarlijks terug te gaan naar je thuisland. Maar mijn ouders zijn wel al die tijd christen geweest, en dus kwamen wij ook in aanraking met zendelingen die moesten leven van support die zij zelf moesten genereren, of met salarissen en arbeidsvoorwaarden die nou eenmaal minder riant waren.
Voor mij werd dit het scherpst neergezet toen ik een keer op kostschool zat en mijn zakgeld op was. Ik belde mijn ouders en er werd meer geld gestort. Het ging misschien om 200 shilling of zo, zeker weten doe ik het niet. Maar toen ik dat opnam, voor een dagje winkelen, toen kwam een klasgenoot van mij ook bij de balie staan. Hij nam 20 shilling op. En meer had hij echt niet, dat kon ik aan hem merken. Hij moest voorzichtig doen met het geld en ik kon (in ieder geval op dat moment) mijn handje ophouden bij mijn ouders en kreeg het geld zonder vragen.
Het luxe van het expatleven heb ik dus zijdelings meegekregen, en daarnaast de soberheid van het zendingsleven. Ook daarin hoorde ik niet helemaal bij het een of het ander.
Volgens mij kunnen wij rustig concluderen dat dat de rode draad door mijn leven is!
Mijn vader werkt in de leprazorg. Dit heeft hij jaren gedaan via de Leprastichting, en ook een aantal jaar via de Leprazending. De leprastichting is niet christelijk, de leprazending wel. In de salarissen en arbeidsvoorwaarden zie je vaak het verschil. En ook in hoe mensen benaderd worden natuurlijk!
Wij hebben altijd een beetje gezweefd op het grijze vlak tussen zendings- en ontwikkelingswerk. Jarenlang hebben wij de voordelen gehad van het werken voor een niet zendingsorganisatie en het dus meer horen bij de "expat" wereld. Meer salaris, meer ruimte voor vakanties, het gewoon vinden om jaarlijks terug te gaan naar je thuisland. Maar mijn ouders zijn wel al die tijd christen geweest, en dus kwamen wij ook in aanraking met zendelingen die moesten leven van support die zij zelf moesten genereren, of met salarissen en arbeidsvoorwaarden die nou eenmaal minder riant waren.
Voor mij werd dit het scherpst neergezet toen ik een keer op kostschool zat en mijn zakgeld op was. Ik belde mijn ouders en er werd meer geld gestort. Het ging misschien om 200 shilling of zo, zeker weten doe ik het niet. Maar toen ik dat opnam, voor een dagje winkelen, toen kwam een klasgenoot van mij ook bij de balie staan. Hij nam 20 shilling op. En meer had hij echt niet, dat kon ik aan hem merken. Hij moest voorzichtig doen met het geld en ik kon (in ieder geval op dat moment) mijn handje ophouden bij mijn ouders en kreeg het geld zonder vragen.
Het luxe van het expatleven heb ik dus zijdelings meegekregen, en daarnaast de soberheid van het zendingsleven. Ook daarin hoorde ik niet helemaal bij het een of het ander.
Volgens mij kunnen wij rustig concluderen dat dat de rode draad door mijn leven is!
Labels:
expat,
kostschool,
lepra,
third culture kid,
zending
vrijdag 6 juli 2012
Vraag Een
Drieculturen heeft gevraagd of ik een vragenlijst voor haar in wil vullen over hoe ik ben opgegroeid. Dat wil ik wel, dus de komende tijd zullen jullie een aantal vragen van haar beantwoord zien op deze plek:
In welke landen heb je gewoond en hoe oud was je toen? Wat voor soort
werk deden je ouders waar voor je in het buitenland moest wonen?
Ik ben geboren in Noorwegen in 1971 uit Nederlandse ouders. Ik heb dus ook gewoon een Nederlands paspoort en de Nederlandse nationaliteit. Na mijn geboorte in Noorwegen zijn mijn ouders terugverhuisd naar Nederland, nota bene heel dicht in de buurt waar ik nu woon. Ik kreeg er een zusje bij in 1973, toen ik anderhalf was. Maar de verhuis en reiskriebels waren bij lange na niet uitgewerkt bij mijn ouders, dus het werd tijd voor de volgende verhuizing, naar Oeganda. Daar heeft mijn vader gewerkt in een lepraziekenhuis, in Kumi. Ik geloof dat daar zijn leprafascinatie is ontstaan, want lepra staat centraal in de rest van onze verhuizingen. Mijn vader is van oorsprong fysiotherapeut, maar inmiddels handtherapeut/wetenschapper/onderzoeker/schrijver/trainer/docent/begeleider/coördinator en weet ik nog wat allemaal meer. Wel veel op gebied van lepra, maar ook nog breder dan dat.
Mijn broer is in Kumi geboren, in 1975. In de bush bush, met risico op hemofilie, wat hij gelukkig niet bleek te hebben. Ongeveer 3 jaar later verhuisde wij naar Ethiopië, Addis Ababa. Daar heb ik eigenlijk mijn hele lagere school periode gewoond, weliswaar in verschillende huizen op het terrein van het ziekenhuis (Alert), maar wel steeds op dezelfde school. (nou ja, grotendeels dan, maar dat is een verhaal voor een ander moment). Mijn jongste zus is daar geboren, in 1978. Toen was ons gezin compleet, vonden mijn ouders.
Net voor het eind van groep 8 hebben wij afscheid genomen van Ethiopië. Dit afscheid herinner ik mij erg goed. Wat heb ik gehuild, en mij erg verdrietig gevoeld! Wij zijn toen verhuisd naar Louisiana, de Verenigde Staten, via een korte omweg in Stroe (ja, Stroe in Nederland). In Louisiana woonde wij op het terrein van een voormalige leprakolonie in Carville. Afgelegen, ver van de stad en sociale contacten. Wij hebben veel met elkaar opgetrokken als kinderen!
Op mijn 15de zijn wij terug verhuisd naar Ethiopië, naar hetzelfde terrein en dezelfde school als waar wij eerder hadden gewoond. Ik ben toen een jaar naar dezelfde school geweest, maar de laatste twee jaar van mijn middelbare school vloog ik heen en weer tussen Kenia en Ethiopië omdat ik op kostschool zat. En hoewel kostschool misschien nare associaties heeft, kan ik volmondig zeggen dat ik daar de meest zorgeloze en avontuurlijke jaren van mijn leven heb gehad.
Met mijn high school diploma op zak ben ik in 1989 aangekomen in Nederland, samen met de rest van mijn familie. Toen is, in mijn beleving, de tweede helft van mijn leven begonnen.
Een saaie kale opsomming is dit. Het doet geen recht aan de beelden die flitsen door mijn hoofd, de geuren en kleuren die ik gezien heb, de ervaringen die ik heb meegemaakt. De beleving achter deze karige woorden komt hier niet uit, terwijl de verhalen wel door mijn hoofd heen gonzen, zoekend naar een uitlaatklep. Maar ik moet mezelf ook afvragen of woorden ooit echt de indrukken kunnen vangen die ik graag over wil brengen!
Abonneren op:
Posts (Atom)
