zaterdag 28 juli 2012

Field trip

Voor zijn werk ging mijn vader regelmatig op een field trip, langs lepraprojecten.  Een keer zijn mijn zus en ik met hem meegegaan. Achterin een stoffige jeep, naar een klein dorpje, met wat drinken en een lunchpakketje.
Twee dingen weet ik mij nog te herinneren:
Op een gegeven moment was het lunchtijd, en onze boterhammetjes waren op. Of misschien hadden wij wel geen boterhammen mee, want injera werd toch overal gebakken en dat vonden wij heerlijk. In ieder geval bevonden wij ons op een gegeven moment in een donker hutje met voor ons een grote schaal met injera. Bij de injera geen pittige sauzen, of groente. Nee, op de injera lag een grote hoop rauw vlees. Mijn vader heeft daar nooit moeite mee gehad, die eet dat rauwe vlees rustig op. Wij niet... Met handen en voeten werd duidelijk gemaakt dat wij toch echt liever gebakken vlees wilden. Onbegrijpelijk voor degene die dat klaar moest maken. Uiteindelijk werd de boodschap duidelijk en werd het vlees teruggenomen. 2 minuten later werd het ons aangeboden. Heel licht grijs, nog roze in  het midden, maar meer gebakken dan dat kregen wij niet voor elkaar. De injera was wel verrukkelijk, vers gebakken boven een klein rokerig vuurtje.
Op die dag kwamen wij ook langs een markt met grote stapels suikerriet. Wij kenden het wel, maar hadden het nooit veel gekocht. Nu dus wel. Lange stukken werden in stukken gehakt en achterin de jeep gelegd.
Daar zaten wij dan, achterin de jeep, al hobbelend en bobbelend. Met ieder van ons een halve meter suikerriet in de handen. Geen mes te bekennen, alleen maar handen en tanden. En sterk dat dat suikerriet is! Je moet er echt met  grof geweld aan trekken met je tanden, om bij de vlezige, dradige binnenkant te komen die je vervolgens tot pulp maalt in je mond om het heerlijke zoete sap te kunnen doorslikken en dan een vieze kleffe prop uit te spugen.
Kilometers hebben wij afgelegd, al trekkend, scheurend en kauwend. Dagen daarna had ik nog pijn in de wortels van mijn tanden. Mijn moeder foeterde nog op ons, dat het echt onverantwoord was om zonder mes dat suikerriet aan te vallen. Maar niets kon ons er van weerhouden om die heerlijke zoetigheid in ons op te nemen. Snoep was namelijk een zeldzaamheid in Ethiopie, en dit was een verrukkelijke manier om een gezonde dosis suiker binnen te krijgen.

maandag 23 juli 2012

Kikoi

De zon schijnt! Deze zomer is dat een beetje een zeldzaamheid hier in Nederland.
Voor mij betekent het dat ik het liefst in zomertenue tevoorschijn kom. Een t-shirt, kikoi, slippers als het moet, maar het liefst blote voeten.

Als ik zo door de straten kon lopen dan deed ik dat, maar om man en kinderen te sparen doe ik het niet en houd ik mij keurig binnen de grenzen van onze achtertuin. Zo'n doek, lekker makkelijk om je heen geknoopt, dat zit toch heerlijk?  Waarom zou een mens meer aandoen met dit weer?
En als je er eentje extra meeneemt dan heb je gelijk een handdoek, tafelkleed, picknickkleed, sjaal en laken meegenomen. Het ultieme gemak van een stuk stof.

Ik herinner mij reisjes in Kenia waarin de kikoi niet gemist kon worden, en inderdaad dienst deed als alles wat hier boven werd genoemd. Ik herinner mij ook een kikoi die ik kreeg van een vriendje. Op het strand in Mombasa gekocht, met de hand alle rafelige randjes gedraaid en geknoopt, en meerder malen gewassen in de zee om het lekker zacht te maken voor mij.
In Nederland heb ik die kikoi een keer per ongeluk in de trein laten liggen.... ik heb weken lang verdriet erom gehad, er kleefden zoveel herinneringen aan!

zondag 22 juli 2012

Bierbrood

Gewoon brood was een zeldzaamheid in Ethiopie. Er was een bakker, in mijn herinnering. Als je op tijd was, dan kon je lekker zachte witte bolletjes kopen, nog warm van de oven. Die binnen een uur zo hard als steen werden, waar je je tanden op brak zo ongeveer, en die naar karton smaakte.
Mijn moeder bakte dus regelmatig zelf brood. Dat waren dan wel bolletjes die lekker zacht waren en bleven. En soms bakte ze bierbrood. Vooral op zondagochtend, of op een verjaardag.
Vandaag hebben mijn man en ik gebruncht in de tuin, en toen heb ik het ook gemaakt.

Bierbrood

3 kopjes zelfrijzend bakmeel
1/2 kopje suiker
kaneel/kardemom/speculaaskruiden oid
rozijnen/noten/zaden naar eigen inzicht
1 flesje bier
paar eetlepels gesmolten boter

Meng alle droge ingredienten door elkaar  (meel/suiker/kruiden/rozijnen/noten)

Schenk het flesje bier over de droge ingredienten heen en meng dit luchtig en snel door elkaar. Het hoeft geen samenhangend deeg te worden, al het droge moet een beetje vochtig zijn.

Gooi het deeg in een bakblik. Ik gebruik vaak zo'n lage vierkante bakblik, maar een gewoon broodvorm kan ook. Giet vervolgens de gesmolten boter over het deeg heen. 

In de oven plaatsen en een half uurtje later heb je lekker kruidig versgebakken brood.

Vanochtend smaakte het heerlijk!!

vrijdag 20 juli 2012

Gastblog van Drieculturen

Toen ik begon met deze blog, ben ik gaan surfen op het internet. Vrij snel kwam ik Janneke van Drieculturen tegen. Inmiddels hebben wij regelmatig heen en weer gemaild en heb ik haar ook gevraagd om iets te schrijven voor deze blog. Hieronder is haar bijdrage.
Bedankt Janneke! 

Bedankt voor de uitnodiging om een gastblog te schrijven. Ik wil graag met dit stukje beginnen, het gaat over mijn begin tijd in Nederland jaren geleden. Mocht je meer willen lezen kijk dan op mijn blog http://drieculturen.blogspot.com/. Je kunt mij ook op twitter volgen: @DrieCulturen https://twitter.com/DrieCulturen @DrieCulturen "over kinderen die in andere culturen opgroeien"
Waar kom ik vandaan?
Daar loop ik dan tussen al die jongeren. Ik loop mee door de onbekende straten en door de onbekende stad. Ik zie allemaal onbekende gezichten. Om mij heen lijken de andere allemaal bekende tegen te komen, maar ik ken niemand, en niemand kent mij.

Ik lijk op de jongeren om mij heen, wij hebben voor een groot deel dezelfde huiskleur, wij nemen deel aan dezelfde ELCID introductie week van de Leidse universiteit, wij zijn ongeveer even oud, en toch zijn er heel veel verschillen.

Ik ben geboren in Zambia. Mijn lagere school was een internationale school in Blantyre, Malawi. De middelbare school ben ik in Lilongwe, Malawi begonnen en heb ik in Bulawayo, Zimbabwe afgemaakt. Recent heb ik afscheid genomen van vrienden, familie en het bekende in Zimbabwe om te gaan studeren en een nieuw leven op te bouwen in het geboorte land van mijn ouders. Mijn ouders wonen nog in Bulawayo, maar ik ben de oudste van het gezin en ik moet als eerste het nest uit vliegen.

Alles is zo nieuw en onbekend. Ik heb blond haar en blauwe ogen en spreek Nederlands. Toch kom ik er achter dat ik mijzelf meer “African” voel dan Nederlander. Ik heb ook immers mijn hele leven in Afrika gewoond. Ja, om de paar jaar kwamen wij “even” op verlof naar Nederland, maar ken ik Nederland?

Alles kost mij energie. Ik moet voortdurend mijn ogen goed open houden en om mij heen kijken hoe mensen dingen doen. Hoe koop ik een treinkaartje? Hoe werkt de OV chipkaart? Hoe moet ik de groente wegen in de supermarkt? Wat zijn de mensen achter de kassa onvriendelijk. Ik voel mij net een nummer.

Wat is er ook een keus. In Zimbabwe hadden wij maar één of twee merken chips en daar waren een paar verschillende smaken. Hier is de keus overweldigend. Soms koop ik geen chips, gewoon omdat de keus zo groot is. Kleren kopen doe ik al helemaal niet. Mijn kleren hebben toch geen gaten en voldoen toch prima? Ja dat het niet de nieuwste mode is dat weet ik ook wel. Wat moet ik met die mode, is het niet allemaal wat overdreven? Op school was ik een schooluniform gewend, dat was wel makkelijk.

gezien in Frans Hals museum, Haarlem
Ik voel mij zoveel ouder dan mijn medestudenten. In leeftijd zijn wij even oud maar naar mijn gevoel heb ik armoede en rijkdom al gezien, honger en ellende, ziekte en dood. Door het reizen heb ik meer levenservaring maar soms voelt het als een ballast.

Dan de steeds terugkerende vraag van medestudenten: “waar kom je vandaan?” Ik ben geboren in Afrika maar ik ben Nederlander en ik heb hier nooit echt gewoond. Ja waar kom ik vandaan?

Lees ook over Mijn ontdekking dat ik een third culture kid ben.

Ken jij een verborgen immigrant?
http://drieculturen.blogspot.com/2012/01/een-verborgen-immigrant.html

5 Tips voor jongeren die vanuit het buitenland in hun "thuisland" gaan studeren:
http://drieculturen.blogspot.com/2011/07/5-tips-voor-jongeren-die-vanuit-het.html

donderdag 19 juli 2012

Scholen

Wat een variatie heeft er eigenlijk gezeten in de scholen waar ik naar toe ben geweest!

Mijn lagere school en een jaar voortgezet onderwijs was op ICS, de International Community School of Addis Ababa. Amerikaans schoolsysteem, engels gesproken, behoorlijk internationaal inderdaad. Klasgenoten van alle continenten, leraren uit allerlei landen. Op een gegeven moment had ik vriendinnen uit Bangladesh, Canada, Oeganda, Korea, Zweden, Noorwegen, en Ethiopië, en was ik verliefd geweest op een Belg, Boliviaan, Nigeriaan, Italiaan en een Nigeriaan. En dan vergeet ik vast nog een paar landen!

Middenin onze lagere schoolperiode besloten onze ouders ons over te plaatsen op de christelijke school voor zendingskinderen, Bingham Academy, ook in Addis Ababa. Daar hebben wij ongeveer vijf dagen op gezeten. Of misschien waren het er drie. Die school paste namelijk lijfstraffen toe, en niet te zuinig ook. Op een van de weinig dagen dat ik er was was ik mede oorzaak van wat geroezemoes in de klas. Mijn buurman werd er op aangekeken, en die kreeg er vervolgens van langs met een houten liniaal in zijn hand. Ik ben erg geschrokken, en alle spontaniteit was prompt verdwenen. Mede een reden voor mijn ouders om ons toch weer terug te plaatsen op onze oude school.

In Nederland heb ik een aantal weken op een kleine dorpsschool gezeten, waar nog echt handwerkles gegeven werd! De jongens lekker timmeren en zagen, en de meisjes mochten met een kopje thee en breipennen aan de slag. Ik zie mij nog zitten, met mijn zielig pannenlapje. Op die school leerde ik dat iets "iezig" kon glimmen, en ook leerde ik  "sliep uit" met bijpassend gebaar. Onontbeerlijk toch, voor een Nederlands kind?

Louisiana betekende de overgang naar christelijke privéscholen, waarvan een jaar zelfs op de school van Jimmy Swaggart.  In uniform wel te verstaan. Zelfs als het koud was mocht je geen broek aan, en je rok mocht zeker niet te kort. In de gymzaal werd tijdens het gymmen een groot gordijn opgehangen, zodat jongens en meisjes gescheiden konden sporten....

De kostschool in Kenya, Rift Valley Academy, was het leukst. Heel veel activiteiten op een mooi terrein. Daar heb ik in het koor gezeten, klarinet gespeeld in de harmonie, toneel gespeeld, op diverse excursies geweest, leren pottenbakken en tekenen, en heb ik gesport. Een erg creatieve uitdagende tijd. Voor jonge kinderen zou ik kostschool zeker niet aanraden, maar voor mij als tiener was het geweldig! 



woensdag 18 juli 2012

Vraag Drie

Drieculturen heeft gevraagd of ik een vragenlijst voor haar in wil vullen over hoe ik ben opgegroeid. Dat wil ik wel, dus de komende tijd zullen jullie een aantal vragen van haar beantwoord zien op deze plek:
Vandaag vraag drie: 

Wat vond ik het moeilijkst aan het opgroeien in het buitenland?

Pffff, weer een vraag die eigenlijk niet makkelijk te beantwoorden is!
Terugkijkend kan ik wel de nodige nadelen zien aan het opgroeien in het buitenland. In de grootsheid van de landen waar wij opgroeide was er eigenlijk weinig ruimte. Weinig ruimte voor persoonlijke groei, voor puberteit. In ieder geval in mijn beleving.
Zo waren wij als kinderen afhankelijk van mijn ouders voor vervoer van en naar feestjes bijvoorbeeld.  Ik heb geen bijbaantje gehad. Als ik wilde rebelleren kon ik naar de buren lopen, maar veel verder was gewoon domweg niet veilig. Een keer was ik tegendraads en ging ik heel gewaagd buiten het hek van het terrein lopen. Vervolgens werden mijn vriendin en ik belaagd door Ethiopische jongens. Ik vond het nog een soort van spannend, maar mijn vriendin is zich wezenloos geschrokken.
Op kostschool was ons bewegingsruimte ook beperkt tot het terrein waar wij op woonde en de regels die daar gelden. Braaf meisje die ik was, hield ik mij er relatief keurig aan. Ik vond het niet nodig om heel dwars te liggen en allerlei fratsen uit te halen. Er waren activiteiten genoeg om aan deel te nemen, en ik was een mooie meid en kreeg dus positieve aandacht genoeg. Ik heb mij goed gevoegd naar mijn omstandigheden.
Maar dat betekende vervolgens wel dat ik mijn eigen grenzen nog moest gaan ontdekken toen ik terugkwam naar Nederland. En dat ik een soort van verlate puberteit had. Iets waar ik soms nog steeds last van heb! Ik moest beter leren denken voor mezelf, in plaats van mij steeds te voegen naar de omgeving waar ik was.
Het moeilijke ligt dus niet zozeer in hoe het toen was, maar de consequenties die het had toen ik naar Nederland kwam. 





dinsdag 17 juli 2012

Over cultuurverschillen gesproken.....

Vandaag een blogje van mijn zus, over haar eerste ervaringen met gastvrijheid in Nederland: 

Als 17 jarige werkend in een Nederlands bedrijf als datatypiste….. ik leg contact met collega’s en het klikt. Ik wordt geaccepteerd ondanks mijn accent en gebrekkig Nederlands. Mijn Engels komt trouwens goed van pas, ik kan als de beste blind Engels typen. Maar goed, dan heb je leuk contact met je collega’s op de werkvloer, maar dan lijkt het ook leuk om buiten werktijd af te spreken.
Ik kom er achter dat een leuke collega vlak achter ons woont en besluit op een avond rond 19:30 langs te wandelen en even hoi te zeggen. Ik bel aan en heel verschrikt doet ze open, wat kom jij hier doen? Wij hebben toch geen afspraak? Ik probeer uit te leggen dat ik gewoon even langs kwam, maar omdat ik geen afspraak had was ik niet echt welkom. Mijn werd duidelijk verteld dat je niet zonder afspraak langs kon komen…..
Na deze harde les zo’n 20 jaar geleden heeft het mij veel moeite gekost om zonder afspraak bij iemand langs te gaan, gewoon spontaan voor de leuk!! Inmiddels woon ik in een geweldige plek, waar je gewoon langs mag wippen, voor de leuk en niet eens voor koffie met gebak!!

Ook ben ik erachter gekomen dat er hier in NL verschillend over wordt gedacht. Toevallig ben ik zo veel jaar geleden in een stug dorp terecht gekomen waar het ‘’not done’’ was om zomaar langs te waaien. Inmiddels woon ik in een prachtdorp… waar het de normaalste zaak van de wereld is om langs te gaan zonder afspraak.

maandag 16 juli 2012

Invloed op mijn kinderen

Mijn dochter zit nu in India. Ik denk dat ik rustig kan zeggen dat dat mede komt door de internationale invloed die ze via mijn familie heeft gekregen.
Wij (broers en zussen) spreken namelijk nog altijd Engels met elkaar. Mijn jongste zus zwerft nog over de wereld, inmiddels met  (Australische) man en kind. Mijn ouders zijn net een soort van "gesetteld", maar wonen eigenlijk nog maar een paar jaar in Nederland. Broer gaat binnenkort verhuizen naar Curaçao. Een gedeelte van mijn moeders familie woont in Amerika. Vrienden van mij van vroeger komen wel eens langs. En ik, ik ben geen doorsnee Nederlandse moeder (voor zover die bestaat).
Beide kinderen hebben dus best het nodige meegekregen aan taal, exotisch eten, andere muzieksoorten, en een glimp van verschillende culturen. Bij mijn dochter zie je het avonturieren het meest naar boven komen, bij mijn zoon minder. Maar ook zijn Engels is uitstekend en hij heeft een breder begrip van culturele verschillen en van de wereld dan iemand die op een plek opgegroeid is. Tenminste, dat is wel mijn indruk.
Zo zie je dat de invloed van zelf opgroeien in het buitenland niet stopt op het moment dat je op een plek terecht komt en je weer "gewoon" Nederlandse bent.

zondag 15 juli 2012

Eten

Een van de leuke dingen aan opgroeien in het buitenland, is al die verschillende eetgewoontes.

Neem injera bijvoorbeeld, het nationale eten van Ethiopie. Als ik nu een ethiopisch restaurant inloop dan ruikt het naar heimwee. In mijn herinnering gingen wij als familie regelmatig op de zondagmiddag na de kerk uit eten bij een ethiopisch restaurant toen wij daar woonde. Zo gezellig, en ook zo ontzettend lekker. Ethiopisch eten smaakt als niets anders. Mijn man vind het niet zo bijzonder, hij beweert dat wij niet alleen het eten proeven, maar ook de herinneringen. En ik geloof dat hij daarin gelijk heeft.

Dat is met veel eten zo volgens mij. Zo denk ik bij Sukuma Wiki acuut aan mijn voogden in Kenia, waar wij (mijn zus en ik) een keer in de 6 weken kwamen.  Moeder Ondeng kon dat zo lekker klaar maken. Ik zie ons dan zitten, aan de lange tafel. Twee blanke meisjes tussen die grote donkere jongens in. Vader Ondeng had dan geen geduld voor het geroezemoes en begon dan plompverloren te bidden "Our Father..." en van schrik hield je je mond dan wel.



In Amerika woonde wij in Louisiana. Daar  hadden ze wel eens een crawfish boil. In een grote pan werden dan kilo's zoetwaterkreeften gekookt. Vervolgens werden die op een lange tafel gedumpt en dan kon iedereen naar lieve lust pellen en eten. Niks formeel aan tafel met vork en mes, gewoon aanvallen met de handen.



Wat is jouw leukste eetherinnering?

zaterdag 14 juli 2012

Cijfers en letters

Iets heel doms eigenlijk... maar weet je hoe lastig het is om cijfers te onthouden en op te schrijven als je ze in twee talen kent?
Neem bijvoorbeeld 23. In het Nederlands is dat drie en twintig. In het Engels twenty three. Ik heb Engels als hoofdtaal gehad op school. Dat is makkelijk met cijfers! Want je schrijft gewoon eerst de 2  van de twenty en dan de 3 van de three. En hey presto! Dan staat er 23.
Nee, dan het Nederlands. Mensen noemen dan hun telefoonnummer op: 235678 oftewel drieëntwintig, zesenvijftig, achtenzeventig. Als ik dat ga schrijven dan wordt het 326587. Dus heb ik mezelf uit noodzaak maar aangeleerd om het eerst genoemde cijfer op te schrijven en dan ruimte te laten zodat ik de tweede cijfer ervoor kan zetten. Snap je het nog een beetje? Ik in ieder geval wel, en zo lukt het mij tenminste om nummers in de juist volgorde op te schrijven.
Toen ik in Stroe op school zat hadden mijn klasgenoten hier mooi profijt van. Ik kon niet uit mijn hoofd rekenen omdat alle cijfers een grote smurrie werden in mijn hoofd. De leraar schreef vervolgens de sommen op het bord zodat ik het nog een beetje kon volgen. De cijfers van mijn klasgenoten vlogen vervolgens ook omhoog!

Letters gaan niet veel makkelijker. Mijn eerste baantje in Nederland was bij een bedrijf die veel codes gebruikte. Dan kreeg ik klanten aan de lijn die product HKNP wilde. En dan zeiden ze tegen mij "ik wil product Hans, Karel, Nico, Peter." Oh help! De eerste paar maanden lukte het mij niet om gelijk het eerste letter te ontcijferen uit het hele woord, en toen heb ik blaadjes volgeklad met Dirk/Anton/Bernard/Cornelis tesamen met Hans/Karel/Nico en Peter. Ik kreeg er een lamme hand van....

vrijdag 13 juli 2012

Culture Shock in Amerika

De grootste culture shock die ik meemaakte was met de verhuizing van Ethiopië naar Amerika. Ik was toen een tiener, dat maakte het er niet makkelijker op.
Weggaan uit Ethiopië was al een hele stap. Toen hebben wij nog een paar maanden in Nederland gewoond, in Stroe op een klein dorpsschool. Gek genoeg was dat niet eens de grootste overgang, terwijl je dat misschien wel zou denken. Op een of andere manier werden wij gewoon geaccepteerd en heb ik het erg leuk gevonden.

De overgang naar Amerika,  tjonge dat was nog eens wat anders.
Ten eerste wilde ik helemaal niet weg uit Nederland. Ik had net een beetje mijn draai gevonden op de dorpsschool, met verliefdheden en al. Ik was dus stiksjagrijnig dat dingen weer gingen veranderen.
Vervolgens moest ik naar een christelijke school in uniform!! En mens, wat ging iedereen anders met elkaar om. Ik raakte de kluts kwijt, bijna letterlijk, want ik werd er heel erg onzeker van. Het had niet gehoeven, want in eerste instantie maakte ik een goede indruk, omdat ik er wel leuk uitzag. Maar toen ik vervolgens niet wist hoe ik moest flirten op z'n Amerikaans, en ik er ook op andere manieren er niet helemaal bijpaste.... ja, toen was mijn kans om erbij te horen verkeken en was ik inmiddels zo onzeker geworden dat ik ook niet meer wist hoe ik er dan wel bij zou moeten horen.

De eerste week dat ik op school zat nam ik elke dag de overgebleven lunches van anderen mee. Ik kon niet aanzien dat mensen zo slordig met eten omgingen. Lunchzakjes werden kapot gestampt en vervolgens in de prullenbak gegooid. In Ethiopië hadden wij zo weinig gehad dat dat z'n sporen nog naliet. Ik heb dus lunches "gered" totdat mijn moeder zich afvroeg wat zij er dan mee moest doen? Ik had toen ook door dat het geen zin had, en langzamerhand begon het verspillen van eten ook te wennen.

Daarnaast vond ik de oppervlakkigheid van de gesprekken ook erg wennen. Het gingen alleen maar over jongens, make-up en auto's. En met alle drie had ik niet zoveel (hoewel, die jongens zag ik wel!). En de onwetendheid van mijn klasgenoten! Onvoorstelbaar. Ik kon ze met gemak wijsmaken dat ik op een giraf naar school ging, op een krokodil de rivier overstak, en dat ik in een boomhut woonde in Afrika. 

Ook liep ik tegen de vaderlandsliefde van de Amerikanen aan. Elke ochtend was het gebruikelijk om trouw te beloven aan de Amerikaanse vlag, de zogenaamde "pledge of allegiance". Ik deed niet mee, want ik was niet Amerikaans. Maar dat moesten mijn ouders goed uitleggen op school, en de uitzondering werd in de klas toegelicht, anders werd ik behoorlijk vreemd aangekeken.

Hoewel ik dus best veel Amerikaanse invloeden in mijn leven ervaar, was de overgang naar Amerika echt het moeilijkst. Pas toen wij weer terug waren in Ethiopië na die tijd begon ik mij weer een beetje zeker te voelen over mezelf.

donderdag 12 juli 2012

Vraag Twee

Drieculturen heeft gevraagd of ik een vragenlijst voor haar in wil vullen over hoe ik ben opgegroeid. Dat wil ik wel, dus de komende tijd zullen jullie een aantal vragen van haar beantwoord zien op deze plek:
Vandaag vraag twee: 


Wat vond je het leukst aan opgroeien in het buitenland? 

Lastige vraag dit. Want ik kan kiezen, wat vond ik het leukst toen ik er woonde, of wat vond ik het leukst terugkijkend?
Als je opgroeit in het buitenland weet je niet beter dan dat dingen zijn zoals ze zijn. Wat voor een ander ongewoon is, is voor jou gewoon. Viezigheid, armoede, stank, gaten in de weg, modder, loslopende dieren, ik kan mij niet herinneren dat ik mij er iets van aantrok toen ik aan het opgroeien was. Sterker nog, als ik weer in Afrika kom, of zelfs India, dan leef ik helemaal op het straatbeeld, terwijl een ander er misschien van zou walgen.

Dus, wat vond ik het leukst aan het opgroeien in het buitenland?
Ik denk toch de ervaring met andere culturen. Het maakt dat mijn wereldbeeld grijs is, en niet zwart/wit. Daarmee bedoel ik dat ik goed kan zien dat zo veel van hoe de wereld beleefd wordt, en van wat mensen vinden, cultureel bepaald is, en ook nog heel sterk afhangt van waar je woont. Dat zie je in het klein in een land als Nederland met het verschil tussen dorp en stad. En dat zie je helemaal in het groot als je in verschillende landen hebt gewoond.
Er is weinig echte "waarheid", zo veel is invulling die wij zelf doen door hoe wij zijn opgegroeid en door waar wij wonen. Dat maakt dat ik makkelijker kan luisteren naar een ander en mij kan verplaatsen in een ander. Ik zal niet zo heel gauw iets heel fout of heel goed vinden. Ik kan volgens mij ook sneller de keerzijde van een verhaal zien. Dit betekent niet dat ik oordeelvrij ben, want ik heb best een uitgesproken mening en te vaak naar mijn zin heb ik mijn oordeel klaar. Maar ik denk echt dat het opgroeien in het buitenland mij meer flexibiliteit gegeven heeft in de omgang met anderen, en het kunnen inleven in andere gedachtegoeden.

Naast de ervaring met andere culturen is het ook gewoon een rijkdom om zo veel verschillende dingen gezien te hebben.Vandaag liep ik in de dierentuin met mijn familie en voelde regelmatig een verlangen naar vroeger doordat ik bomen, bloemen, struiken of dieren herkende. Dat riep weer herinneringen op.  En vervolgens kon ik mijn zoon vertellen dat wij vroeger een cactusblad afpelde om "pleisters" te maken en vervolgens de doorns op onze voorhoofd plakte als een soort neushoorn....
Onvervangbaar, zulke herinneringen!



Klik hier voor mijn antwoord op vraag een.

woensdag 11 juli 2012

Foto's

Mijn broer vond deze twee foto's. Te leuk om niet te delen! Helaas weet ik zelf het verhaal achter deze foto's niet meer. Misschien kan iemand anders hier meer over vertellen?


dinsdag 10 juli 2012

Amerikaanse invloeden


Op deze foto zie je een typisch "prom" plaatje. Eindejaarsbal zeg maar. Alleen zat ik op dat moment op een christelijke kostschool, dus er werd niet gedanst. Wel werd er een geweldige programma in elkaar gedraaid door de "juniors", die een jaar voor ons zaten. Decor werd gebouwd, menu samengesteld, avondvullend voorstelling met zang, muziek, toneel en dans. Op een of andere manier mocht er wel op het podium gedanst worden, maar niet met elkaar. Als ik er nu over nadenk, is dat eigenlijk heel raar!
Ik ben dus aardig geïndoctrineerd met Amerikaanse gedachtegoeden, Amerikaans taalgebruik, Amerikaanse eetgewoontes en ga zo maar door. Mijn accent is ook nog altijd heel licht Amerikaans (tot mijn spijt!).
Mij bevalt het wel, eigenlijk. Ik ben niet zo van de "doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg" cultuur. Ik steek liever wel mijn hoofd boven het maaiveld uit. En ik vind brownies, muffins en carrot cake heerlijk om te eten en om te bakken. En ik hou van bacon en eieren 's ochtends. En ik houd ook van de Amerikaanse "oppervlakkigheid", hoewel ik ook merk dat een stevig stukje Nederlandse nuchterheid mij ook goed bevalt.
Ooit hoop ik terug te gaan naar Amerika. Het liefst voor een road trip langs bekenden. Om nog een keertje die Amerikaanse cultuur op te snuiven en vervolgens waarschijnlijk te ontdekken dat ik Nederlandser ben dan dat ik zelf ooit had gedacht.

maandag 9 juli 2012

Inpakken en wegwezen

Vele vele verhuizingen heeft mijn moeder gepland en geregeld in mijn leven. Onlangs heb ik uitgevogeld dat ik in de eerste 18 jaar van mijn leven in 6 landen en 9 huizen gewoond heb. En dan tel ik niet mee dat ik op kostschool ook in 3 verschillende "dorms" heb gewoond.  
Elke verhuizing heeft mijn moeder de moeite genomen om tekeningen en schriften van ons in te pakken en mee te verhuizen. Dat vind ik toch zo bijzonder! Die doos heb ik nog steeds. Een keer in de zoveel tijd snuffel ik er weer eens door en neem een duikje in het verleden.
Ook deze beer is steeds meeverhuisd. Die kreeg ik toen ik 1 of 2 werd (dat weet mijn oom wel te vertellen in de comments ;-)). De beer is eindeloos geknuffeld en zelfstandig door mij opgelapt met gebruik van oude badstof ondergoed en naald en draad.
Mijn ervaring is dat het goed is om iets eigens mee te nemen als je verhuist. Er veranderd al zo veel. Niet alleen je huis, maar in mijn geval ook vaak een land, een cultuur, en een taal. Al het vertrouwde wat je mee kunt nemen is dan fijn. Zo hebben ook jarenlang dezelfde gordijnen bij mijn ouders gehangen, en dezelfde dekens op het bed. Jarenlang kwam dezelfde doos met oude kerstversieringen tevoorschijn, met de prulletjes die wij ooit gemaakt hadden. Dat geeft een gevoel van geschiedenis, van verhalen van vroeger. En op een of andere manier is dat goed, te midden van alle andere onrust om je heen.

zondag 8 juli 2012

Familiebanden

deze steen kwam uit de tuin van Opa en Oma

Eergisteren ben ik even op bezoek geweest bij het graf van mijn opa en oma aan mijn vaderskant. Zij zijn de enige opa en oma die ik bewust heb meegemaakt, en die ook mijn kinderen hebben meegemaakt.
Toen ik klein was, zagen wij ze een keer per jaar, of een keer in de twee jaar of zo. Als ik het goed onthouden heb, zijn zij een keer op bezoek geweest in Oeganda, een keer in Ethiopië, en een keer in Amerika. Die laatste keer herinner ik mij wel, de andere niet.
Opa en Oma waren dus in zekere zin vreemden voor mij.

Toen wij terugkwamen naar Nederland konden wij ook gelijk instromen in de familiedagen van de familie. En ook iets vaker op bezoek gaan. Dus leerde ik de familie een beetje beter kennen. Want ooms en tantes en neven en nichten op afstand,... ja, daar heb je nou eenmaal niet zo veel band mee!




Dat is een van de keerzijden van opgroeien in het buitenland, als ik voor mezelf spreek tenminste. Ik had minder een gevoel van ergens bij horen. Eigenlijk voelde ik dat het meest sterk met het overlijden van mijn Opa. Mijn ouders waren onderweg naar Nederland, en ik moest ze op Schiphol vertellen dat ze een paar uur te laat waren om nog afscheid te kunnen nemen. Een dag later was ik erbij toen de kist werd dichtgeschroefd. Op weg naar huis later die dag was ik mij zo bewust van mijn positie in de familie, als oudste kleinkind. Mijn Opa en Oma hebben meegemaakt dat hun hele familielijn compleet was, geen sterfgevallen bij de kinderen, kleinkinderen of achterkleinkinderen. Dat is zo bijzonder!

Ik ben blij dat ik toch nog dat gevoel heb gehad van de lijn van de de generaties ervaren. Ik blijf mij altijd heel sterk verbonden voelen bij mijn eigen ouderlijk gezin, want zo samen op reis zijn schept wel een enorm hechte band. Maar ik vind het bijzonder dat ik dat ook mag voelen dat ik hoor in een groter verband, dat van de Brandsma familie, met al z'n bijzonderheden.

zaterdag 7 juli 2012

Muziek

Soms heb je muziek die je hartsnaren raakt en tranen in je ogen brengt. Dit liedje is er een van. Ik heb het voor het eerst gehoord en gezongen op kostschool in Kenia. Volgens mij was het traditie om het elk jaar met het koor te zingen.

Voor mij is het een liedje vol melancholiek en verlangen.



vrijdag 6 juli 2012

Vraag Een

Drieculturen heeft gevraagd of ik een vragenlijst voor haar in wil vullen over hoe ik ben opgegroeid. Dat wil ik wel, dus de komende tijd zullen jullie een aantal vragen van haar beantwoord zien op deze plek:


In welke landen heb je gewoond en hoe oud was je toen? Wat voor soort werk deden je ouders waar voor je in het buitenland moest wonen?

Ik ben geboren in Noorwegen in 1971 uit Nederlandse ouders. Ik heb dus ook gewoon een Nederlands paspoort en de Nederlandse nationaliteit. Na mijn geboorte in Noorwegen zijn mijn ouders terugverhuisd naar Nederland, nota bene heel dicht in de buurt waar ik nu woon. Ik kreeg er een zusje bij in 1973, toen ik anderhalf was. Maar de verhuis en reiskriebels waren bij lange na niet uitgewerkt bij mijn ouders, dus het werd tijd voor de volgende verhuizing, naar Oeganda. Daar heeft mijn vader gewerkt in een lepraziekenhuis, in Kumi. Ik geloof dat daar zijn leprafascinatie is ontstaan, want lepra staat centraal in de rest van onze verhuizingen. Mijn vader is van oorsprong fysiotherapeut, maar inmiddels handtherapeut/wetenschapper/onderzoeker/schrijver/trainer/docent/begeleider/coördinator en weet ik nog wat allemaal meer. Wel veel op gebied van lepra, maar ook nog breder dan dat. 

Mijn broer is in Kumi geboren, in 1975. In de bush bush, met risico op hemofilie, wat hij gelukkig niet bleek te hebben. Ongeveer 3 jaar later verhuisde wij naar Ethiopië, Addis Ababa. Daar heb ik eigenlijk mijn hele lagere school periode gewoond, weliswaar in verschillende huizen op het terrein van het ziekenhuis (Alert), maar wel steeds op dezelfde school. (nou ja, grotendeels dan, maar dat is een verhaal voor een ander moment). Mijn jongste zus is daar geboren, in 1978. Toen was ons gezin compleet, vonden mijn ouders.

Net voor het eind van groep 8 hebben wij afscheid genomen van Ethiopië. Dit afscheid herinner ik mij erg goed. Wat heb ik gehuild, en mij erg verdrietig gevoeld! Wij zijn toen verhuisd naar Louisiana, de Verenigde Staten, via een korte omweg in Stroe (ja, Stroe in Nederland).  In Louisiana woonde wij op het terrein van een voormalige leprakolonie in Carville. Afgelegen, ver van de stad en sociale contacten. Wij hebben veel met elkaar opgetrokken als kinderen! 

Op mijn 15de zijn wij terug verhuisd naar Ethiopië, naar hetzelfde terrein en dezelfde school als waar wij eerder hadden gewoond. Ik ben toen een jaar naar dezelfde school geweest, maar de laatste twee jaar van mijn middelbare school vloog ik heen en weer tussen Kenia en Ethiopië omdat ik op kostschool zat. En hoewel  kostschool misschien nare associaties heeft, kan ik volmondig zeggen dat ik daar de meest zorgeloze en avontuurlijke jaren van mijn leven heb gehad. 
Met mijn high school diploma op zak ben ik in 1989 aangekomen in Nederland, samen met de rest van mijn familie.  Toen is, in mijn beleving, de tweede helft van mijn leven begonnen. 

Een saaie kale opsomming is dit. Het doet geen recht aan de beelden die flitsen door mijn hoofd, de geuren en kleuren die ik gezien heb, de ervaringen die ik heb meegemaakt. De beleving achter deze karige woorden  komt hier niet uit, terwijl de verhalen wel door mijn hoofd heen gonzen, zoekend naar een uitlaatklep. Maar ik moet mezelf ook afvragen of woorden ooit echt de indrukken kunnen vangen die ik graag over wil brengen!

donderdag 5 juli 2012

De wondere wereld van communicatie

Ik verbreek net de skype verbinding met mijn dochter in India en verwonder mij gelijk over hoe makkelijk het is om contact te leggen en te houden tegenwoordig.
Ergens in een oude doos bestaan er nog cassettebandjes met onze lieflijke stemmetjes. Opnames van ons als kinderen voor onze opa en oma, zodat zij onze stemmen konden horen en nog een beetje "bij" bleven. Dat was volgens mij al heel wat, die cassettebandjes! 

Toen ik op kostschool zat in Kenia werden er dikke enveloppen heen en weer gestuurd. De brieven van thuis en mijn brieven naar huis hebben mijn ouders bewaard. Dat is een kostbaar bezit!
Toen ik daar zat konden wij soms 's avonds bellen, als het heel belangrijk was. Dat hield in dat je eerst naar een beschikbare telefoon moest gaan en in de rij kon gaan wachten. Vervolgens kon je de telefoon aanzwengelen (letterlijk) om de telefoon centrale aan de telefoon te krijgen. Je gaf vervolgens het nummer door dat je wilde bellen aan de vriendelijke mevrouw van de centrale. En dan kon je wachten of het haar lukte om je ouders op te bellen en vervolgens de telefoonlijn weer terug te koppelen naar jou. Vervolgens had je 5 minuten de tijd om al schreeuwend en rekening houdend met vertraging je ouders even te spreken, want na die 5 minuten was de volgende aan de beurt. Bellen deed ik dus niet zo vaak!
En als je soms denkt dat ik uit de jaren 20 kom, nee hoor! Wij hebben het hier over de jaren 80, maar dan wel in hartje Afrika.
Het is dus iedere keer genieten als ik zomaar snel kan horen en zien of het wel goed gaat met mijn meisje. Mijn moeder heeft het eens 6 weken moeten doen zonder een bericht van mij. Ik had het zo naar mijn zin op die kostschool dat ik de tijd niet nam om van mij te laten horen. Later begreep ik dat zij in de auto was gestapt om andere ouders te vragen of zij via hun kinderen wel iets van mij hadden gehoord. Arme moeder! Maar ik moet er nog om glimlachen als ik er aan denk :-).

woensdag 4 juli 2012

Gastvrijheid

Een belangrijke waarde die ik heb meegekregen van mijn ouders is gastvrijheid. Vroeger betekende dat er visite kwam, dat wij dan op tijd naar bed moesten, dat mijn moeder druk was in de keuken met lekker eten voorbereiden, en dat het huis gevuld was met het geluid van tevreden pratende mensen.
Allerlei mensen zijn op die manier langsgekomen. In Ethiopië werkte mijn vader op een trainingscentrum, dus er waren regelmatig trainees uit verschillende landen die dan uitgenodigd werden voor een maaltijd of een kopje koffie met Nederlandse gezelligheid.
Toen ik wat ouder werd stond ik 's  avonds wel eens te gluren door het doorgeefluikje in de keuken. Kijken wie er nou weer aanwezig was, en luisteren naar waar er over gesproken werd. En nog iets later werd er wel eens een gesprekje aangeknoopt met deze of gene.

Ik weet dus eigenlijk niet beter dan dat mensen welkom zijn. Dat is iets wat ik graag ook uitdraag in mijn eigen gezin, het liefst zo informeel mogelijk. En dat informele, dat valt nog niet mee in het formele Nederland met z'n "dutch circle parties".

Gastvrijheid  is ook een van de weinig dingen die mijn man en ik gemeen hebben. Wij zijn heel verschillend, de een overal en nergens opgegroeid, en de ander een geboren Veluwenaar (met brede blik, gelukkig!). Maar dat mensen welkom zijn is een gegeven. Dat is niet gebonden aan opgroeien in het buitenland ;-).

dinsdag 3 juli 2012

Ballerina


Hier sta ik dan, met mijn knokige knietjes, gehuld in mijn ballerina pakje, voor de schoorsteen met z'n Amerikaanse "christmas stockings". Dit was in wat wij de "stone house" noemde, in Ethiopië. Het was de kerst na het najaar dat mijn zus en ik kinkhoest hadden gehad. Weken waren wij thuis gebleven, blaffend als zeehonden. Zo erg soms dat alles wat wij gegeten hadden er weer uit kwamen. Zo herinner ik mij de luxe van een waterijsje, een echt waterijsje! Die zo koud was dat het de hoest uitlokte en die er vervolgens met golven weer uitkwam. Wat vond ik dat erg van dat waterijsje! Want daarna mocht ik er niet nog een.....
Zoals veel meisjes droomde ik vroeger ook van ballerina zijn, en iets later stond stewardess hoog op mijn lijstje. Ik herinner mij een spijkerpakje, een rokje en een jasje, die ik steevast dichtknoopte tot aan mijn nek, hoe warm het ook was. Want dan voelde ik mij echt een stewardess. Tot verbazing van mijn moeder overigens, die zich afvroeg waarom ik het toch niet los droeg in dat warme weer.

maandag 2 juli 2012

Israel

Ik ga niet proberen om herinneringen keurig in volgorde op te hoesten, dat gaat mij echt niet lukken! Dus dit wordt een verzameling van lukrake anekdotes gebaseerd op waar ik ook op dat moment aan denken moet. Of gebaseerd op foto's die ik nog op wil duiken en wil gaan scannen.

Vandaag in ieder geval het volgende, geïnspireerd door een vriendin die net naar Israël is geweest.

Het jaar dat ik tien werd gingen wij naar Israël op vakantie. Ik was volgens mij nogal een bijdehante tante zo nu en dan, en ook een tikkeltje eigenwijs. Een van onze eerste stops was in Tel Aviv. Wij liepen daar het strand op en ik rende, samen met mijn zus, naar de zee. Naar de Dode Zee, tenminste, daar was ik van overtuigd. Mijn vader zei wel van niet, maar ik had toch echt dat water geproefd en het was toch ECHT WEL ZOUT!! Ik geloof dat mijn vader op een gegeven moment de moed opgaf om mij te overtuigen van mijn ongelijk.

Sowieso heb ik sterke herinneringen aan Israël. Ik had toch het een en ander gelezen (ik was toen al een boekenwurm) en ik probeerde bij elke plek waar wij kwamen mij in te beelden hoe het zou zijn geweest  in Jezus tijd. Zo herinnering mij de teleurstelling van Bethlehem. Zo'n kitscherige grot, met gekleurde lampen en wierook en goud en zilveren slingers. Helemaal niet de serene rust die ik vond dat het uit moest stralen.

Mijn tiende verjaardag vierde wij in Jeruzalem. Ik heb toen op de muur gestaan en mij echt gerealiseerd dat ik een decennium oud was.

zondag 1 juli 2012

Intro

De foto in de header van deze blog is van mijn ouderlijk gezin. De foto is volgens mij genomen in Ethiopië. Daar staan mijn jonge ouders, die hun biezen pakten en de verhuizing waagden naar allerlei verschillende landen. Wij reisden mijn vaders werk achterna.
Veel bijzondere ervaringen en herinneringen later woon ik nu al 23 jaar in Nederland. Maar de herinneringen aan vroeger zijn nog sterk. De band met mijn familie is ook sterk. Ook al zijn wij verspreid (geweest) over verschillende continenten, wij hebben een gedeelde geschiedenis die ons een bijzondere band geeft.
Ik heb veel herinneringen aan vroeger, goede en minder goede. Hoe ik ben opgegroeid heeft ook veel invloed gehad op de persoon die ik ben geworden.
Schrijven vind ik ook leuk. Ik hoop dus dat ik met het opschrijven van mijn herinneringen ze helder maak voor mezelf, ze beschikbaar stel voor anderen die wellicht iets van herkenning zullen ervaren of het leuk zullen vinden om iets te lezen over hoe anders het is om op te groeien in het buitenland. En mochten mijn kids nieuwsgierig zijn, dan kunnen zij ook nog eens nalezen hoe het komt dat hun moeder geworden is zoals ze is.
Ik zal mijn broer en zussen en mijn vader en moeder ook vragen om een bijdrage te leveren aan deze blog. Hoewel wij "samen" zijn opgegroeid, heeft iedereen natuurlijk zijn eigen kijk op de zaak!